Voorlezen voor vluchtelingen

Foto: De Blauwkai

Met de schakelklas op de foto (bron: De Blauwkai)

Ik kreeg een oproep van illustrator Marit Törnqvist (die eerst in Zweden en later in Nederland AZC’s bezocht om via haar tekeningen contact te maken met vluchtelingen). Ze schreef: ‘Stel dat een heleboel Nederlandse kinderboekenmakers AZC’s zouden bezoeken en met groepjes kinderen en hun ouders kennis zouden maken, gewoon met potlood, papier en boeken? Wij weten dat een kindertijd bepalend kan zijn voor de rest van je leven. En wij weten ook wat de kindertijd van deze vluchtelingen tot nu toe is geweest. Als wij nu met velen workshops kunnen geven met het doel een bruggetje te bouwen tussen hen en ons?’

Ik twijfelde. Kon ik dat wel? Alles draait bij mij om taal, zodra ik in een land kom waar ik de taal niet spreek, laat ik mijn vrouw het woord doen. Wat had ik bij te dragen aan deze zwaar getraumatiseerde kinderen?

Durfde ik dat wel?

Ik gooide de mail weg.

Tijdens de Kinderboekenweek bezocht ik een school in Ridderkerk voor vier groepen 5 t/m 8. In mijn contract stond het volgende zinnetje: ‘In deze groepen zitten ook vluchtelingenkinderen.’ Dat bleek iets anders te liggen. Want na drie groepen kwam ik terecht in ‘de schakelklas,’ een groep leerlingen van acht tot dertien jaar die allemaal de Nederlandse taal aan het leren waren. De meeste kwamen uit Syrië, geen van hen was hier langer dan negen maanden.

rapp-en-rob-oma-gevangenDe juf nam me even apart. ‘Eigenlijk was ik erop tegen dat u kwam,’ vertrouwde ze me toe. ‘Deze kinderen hebben veel meegemaakt en maar een beperkte kennis van de Nederlandse taal. Ik heb ze zoveel mogelijk voorbereid op uw komst, vertelt wat personages zijn en ze voorgelezen uit ‘Rapp en Rob: Oma Gevangen’ en uitgelegd over wat een tekenstraler is. Ik hoop dat het allemaal gaat lukken.’ Van haar gezicht was af te lezen dat ze er weinig vertrouwen in had.

Slik.

Ik stapte de klas in en werd juichend ontvangen door vijf jongens en zeven meisjes. Ik stelde me voor, en begon te vertellen. Langzamer dan normaal en met eenvoudiger taalgebruik, maar zonder mijn verhaal zelf te versimpelen. Af en toe vroeg ik of ze woord kenden. ‘JAAA!!!’ gilden ze, als het bekend was. ‘NEEE!!’ riepen ze net zo hard en met net zoveel enthousiasme als ze het niet wisten. Samen met de leerkracht zochten we net zolang synoniemen totdat we een woord vonden dat ze wel kenden of een uitleg waardoor ze de betekenis zelf konden vinden. Achter mij schreef de juf moeilijke woorden op, koppelde ze aan elkaar met tekeningetjes en pijltjes, of legde het verband uit tussen het werkwoord (schrijven) en het zelfstandig naamwoord (schrijver). Iedere keer als een kind iets raadde, uitvond of begreep, kregen ze een boks van mij á la Baymax (lalalala) en het werd een sport om zoveel mogelijk boksen te ontvangen en uit te delen.

Ondertussen ontstonden er een-tweetjes tussen mij en de juf. We beelden ‘op het nippertje’ uit door net niet tegen elkaar aan te botsen, voelden elkaar aan en zij sprong in wanneer ik niet door had dat wat ik vertelde te moeilijk was. Het was alsof ik weer aan theatersport deed, waarbij het publiek net zo actief meedeed als wij op het ‘podium’.

Schrijversbezoeken zijn altijd een feestje. Kinderen krijgen zelden de makers van al die mooie kinderboeken te zien en ze willen alles weten over hoe je boeken bedenkt, schrijft, tekent of maakt. Maar zo enthousiast als deze groep had ik ze nog nooit meegemaakt in mijn bijna 15-jarige carrière als auteur. Als ze iets niet wisten of kenden, dan betekende dat ze dat konden leren! Nu, met ons, met elkaar! Want wat misschien nog wel zichtbaarder was dan het enthousiasme en de leergierigheid, was de saamhorigheid. Het Poolse meisje dat nét wat meer woorden kende, dat het Syrische meisje uitlegde wat ik bedoelde, die op haar beurt het Arabische woord gaf aan het jongetje dat hier het kortst was.

En terwijl ik mijn verhaal vertelde en de groep over elkaar heen buitelde om uit te leggen wat zij zouden tekenen als een tekenstraler echt zou bestaan, realiseerde ik mij steeds weer opnieuw waarom ze hier waren.

Syrische kinderen tekenen de oorlog (bron: Vice)

Syrische kinderen tekenen de oorlog (bron: Vice)

Een jaar geleden hadden deze kinderen nog een huis, een land, familieleden. Vermoedelijk hadden ze nog nooit van Nederland gehoord. En nu waren ze hier. Levend, gretig om elk nieuw Nederlands woord op te nemen. Want taal betekent toegang. Toegang tot educatie, tot boeken, tot een andere cultuur, tot elkaar.

Maar wat waren ze kwijtgeraakt? De juf vertelde mij later dat sommige kinderen verstijfden als je ineens achter ze stond, of als je hun pols beetpakte om ze te leren hoe ze hun potlood steviger past konden houden. Onder alle vrolijkheid, onder het gelach zat een diep verdriet.

Ik nam afscheid van de kinderen, mocht met ze op de foto. Ze zwaaiden me uit, terwijl ze naar de gym gingen, gaven me een hand of een boks. Hun verdriet namen ze met zich mee, net als hun nieuwe woorden.

‘Het ging goed!’ fluisterde de juf.

Ik schoot vol.

Thuis duikelde ik de mail op van Marit Törnqvist en mailde dat ik vanaf volgend jaar uiteraard beschikbaar om voor te komen lezen op AZC’s.

Wil je ook bijdragen aan dit project, maar ben je geen auteur of illustrator? Doneer dan een (klein) bedrag aan dit project. Deze kunnen overgemaakt worden op IBAN: NL20INGB0004334202 (BIC: INGBNL2A) t.n.v. Stichting IBBY sectie Nederland te Amsterdam. Vergeet er dan niet bij te vermelden: gift project vluchtelingkinderen.

Hartelijk dank

Signeren op de Amsterdamse Uitmarkt: een droom die uitkwam

Uitmarkt26 augustus, 1989, ik was 22 jaar uit en voor het eerst op de Uitmarkt in Amsterdam. Ik wandelde in de richting van de Dam en zag op het podium een stel jonge honden met ontblote bovenlichamen en gekleurde broeken/kilts punkrockfunk maken op het podium. Vanaf dat moment was ik een fan van The Red Hot Chili Peppers én van de Uitmarkt. Ooit, bedenk ik me, komen ze hier voor mij. *

2016, ik ben 49 jaar. Ik wandel op m’n gemak langs de Dam in de richting van het Museumplein, waar ik ga signeren in de stand van de Kinderboekenwinkel. Onderweg vang ik een paar Pokemons, schuil ik voor een plotselinge bui en geniet van de dag. Ik ben vroeg en haal koffie bij de meest briljante koffiekraam die ik ooit ben tegengekomen. Om 11.15 neem ik plaats in de stand en wacht op wat er komen gaat.

Dat is niet veel. De markt moet duidelijk nog op gang komen. Er komen enkel volwassenen langs die zo te zien bij het festival horen. Geen kinderen, geen fans. Dat is oké. Ik ben allang van de illusie verlost dat ik drommen kinderen aantrek wanneer ik signeer. Als ik paar nieuwe lezers werf, ben ik allang blij.

Het is twaalf uur. Officieel zit m’n signeersessie erop, maar het begint net een beetje druk te worden. Ik besluit nog een uur langer te blijven.

Superhelden 4Er komen kinderen. Ze bekijken de boeken in de kraam en snuffelen in de ramsjbak. Ik trek de stoute schoenen aan en vraag ze hoe oud ze zijn en of ik ze wat over mijn boeken mag vertellen.

Dat mag.

Een uur later heb ‘ik’ vier keer deel 1 en één keer deel twee van Superhelden.nl verkocht. Helaas moet ik gaan, want ik zou nog wat mensen spreken op de Comic Con in de RAI, waaronder toptekenaar Romano Molenaar. Maar ik beloof de lieve medewerkers van de Kinderboekwinkel om aan het eind van de dag terug te komen.

Dr Who?

Dr Who?

De Comic Con blijkt een slap aftreksel te zijn van die in Utrecht en binnen het uur sta ik weer buiten, maar niet zonder op de foto te zijn geweest met de Nederlandse Tardis en even snel bijgekletst te hebben met Romano over onze eventuele toekomstige samenwerking. **

Om kwart over drie zit ik weer op m’n plek. Ik moet me een beetje over mijn schroom heen zetten om iedere tiener aan te spreken die tussen de boeken van de Kinderboekwinkel komen snuffelen, maar ze blijken daadwerkelijk geïnteresseerd te zijn in mijn verhaal. Binnen anderhalf uur zijn we alle eerste delen van de reeks kwijt! En alle kinderen gingen met een grijns op hun gezicht en een boek onder hun arm naar huis, in hun gedachten al op Pala.

Om vijf uur bedank ik de medewerkers voor hun uitnodiging, scoor ik zelf nog wat boeken en loop voldaan weer terug naar station Centraal.

De werkelijkheid blijkt weer eens veel mooier te zijn dan mijn droom. Wanneer mag ik weer? ***

* Ik heb geen idee of ik dat op dat moment dacht, maar ik weet zeker dat ik het een keer gedacht heb op de Uitmarkt

** Watch this space

*** 11 september op de Rotterdamse Uitmarkt!

DCC, Stormvogels, Jazzcats, Ingmar Heytze, MvhK en GvhFB

Je kunt nooit teveel Deadpools hebben

Je kunt nooit teveel Deadpools hebben

Schrijven is een eenzaam beroep, zeggen, maar daar was deze week niks van te merken. Want hoewel ik iedere ochtend een paar uur zat te schrijven, keek ik bijna iedere avond en drie weekenddagen naar een podium, of stond er zelf op. Dit was mijn week:

Dutch Comic Con

Voor de tweede keer werd in Nederland de Dutch Comic Con georganiseerd in de Utrechtse Jaarbeurs. En deze keer was het vele malen beter georganiseerd dan vorig jaar. De ruimte tussen de stands op de beurs was breder, waardoor je normaal kon lopen, de vele cosplayers beter kon bewonderen en de uitgestalde waren beter kon bekijken. Ik kocht een Deadpool-T-shirt en -vest en een Punisher T-shirt. Mijn kinderen gingen voor knuffels (de jongste) en een bad ass ruimteschip (de oudste).

Drukbezocht panel met nog meer laweaai

Drukbezocht panel met nog meer lawaai

Wat er niet goed geregeld was, waren de microfoons. Ik mocht een panel modereren voor de American Book Centre, waarin ik Jeff Vandermeer, Ann Vandermeer, Brian McCLellan, Adrian Stone en Tisa Piscar vragen stelde over de business kant van het schrijven. Helaas was het zo’n lawaai op de Comic Con, dat we staand en schreeuwend de vragen moesten beantwoorden.

Mijn oudste tegen Kylo Ren

Mijn oudste tegen Kylo Ren

 

 

 

Zondag was dat probleem gelukkig opgelost, maar toen liep ik met mijn kinderen over de beursvloer rond, waar ze ademloos alle verklede mannen en vrouwen bewonderden, de stands indoken en de merchandise bekeken. Kom maar op met de volgende con!

 

Voorstelling Stormvogels

Vreemde vogels

Vreemde vogels

Mijn schoonzus had ons hele gezin uitgenodigd om naar een jeugdvoorstelling te gaan, genaamd Stormvogels. Buiten waaide de wind naar code geel, dus de titel en dag waren goed gekozen. Het was een verrassend goed geschreven, gezongen en geacteerde voorstelling over kinderen-als-vogels (duiven, mussen en een enkele paradijsvogel) waarin iets teveel thema’s (religie, vluchtelingen als gelukszoekers) tegelijk langskwam om volledig te overtuigen. Daarna dronken we met z’n allen wat (spa rood, want 21 dagen zonder alcohol of suiker), terwijl de kinderen buiten speelden. Wat een topdag!

Presentatie Jazzcats

Doodlin'

Doodlin’

Terwijl ik iedere seconde die ik ter beschikking had, besteedde aan het schrijven aan de verboeking van de jeugdfilm Meesterspion (oktober in de winkel en de bioscoop), probeerde ik ook nog de uitgebreide tekst van het jazznummer Doodlin’ uit mijn hoofd te leren, niet met onverdeeld succes. Donderdag was de uitvoering en de generale repetitie was zo abominabel dat zelfs het gezegde ‘Een slechte repetitie is een goede première’ niet op leek te gaan. Ik kende mijn tekst niet, hoorde mijzelf te luid of te zacht en durfde bijna het podium niet op. En ik kom mijzelf niet eens moed indrinken!

Met z'n allen

Met z’n allen

Gelukkig en wonder boven wonder ging het uiteindelijk best wel oké en zong ik bijna geheel uit mijn hoofd en niet al te vals voor een volgepakte zaal mijn lied. De twee gezamenlijke nummers gingen goed, mijn medejazzcats zongen de sterren van de hemel en onze juf Caroline Lobanov speelde geweldig piano. Daarna mochten wij genieten van de groep die na ons kwam en klassieke jazznummers zong met een heuse bigband. Het werd laat maar gezellig (en dat zonder alcohol). Topavond!

Dertig jaar Ingmar Heytze

De meester leest voor.

De meester leest voor.

Een kleine vijfentwintig jaar geleden vroeg ik Ingmar Heytze of hij een wervende tekst voor een folder wilde schrijven, omdat ik dacht dat ik dat niet kon. Ik was tenslotte geen schrijver en hij was dichter en woordkunstenaar. Vrijdag vierde Ingmar zijn dertigjarige (!) bestaan als dichter met de bundel ‘Voor de liefste onbekende’ en een prachtige voorstelling in De Kleine Komedie. Ondersteund door Ellen Deckwitz en met bijdragen van o.a. Hans Dorrestijn, A. L. Snijders, Tommy Wieringa, Vrouwkje Tuinman en Kees Wennekedonk, was het een Utrechts feestje op het podium en in de zaal. Volgend jaar keer in onze eigen stad, Ingmar?

Meisje in boot gevonden

Meisje in boot gevonden

Het was die dag trouwens 1 april en het Marinemuseum meldde dat een 14-jarig meisje zichzelf opgesloten had in een torpedobuis van De Tonijn, de onderzeeboot die op het terrein van het museum in Den Helder staat. Hierover zo dadelijk meer.

Oh ja, en KOOP DIE BUNDEL!

 

 

Selma vertelt

Selma vertelt

Middag van het kinderboek

Ik had natuurlijk beter in Amsterdam kunnen blijven, want de volgende ochtend moest ik om elf uur alweer in de OBA zijn voor de lezing van Selma Noord, gevolgd door de Middag van het Kinderboek. Selma sprak over (het gebrek aan) diversiteit in kinderboeken en wat mij het meest raakte, was de boodschap die ze kreeg van kinderen van diverse afkomsten: ‘De boeken gaan nooit over ons,’ zeiden ze, ‘maar altijd over Iris en Tim en Tom en Sanne. En als er andere in voor komen, dan heten ze Fátima of Mo en mogen ze ook één zin zeggen.’ Selma sprak zonder verwijt, maar was duidelijk op zoek naar kansen. Ze noemde ook nog het pleidooi van Marieke Nijkamp, de Nederlandse YA-auteur die momenteel internationaal scoort met haar boek ‘This is where it ends’ én de drijvende kracht achter de ‘We need diverse books’ campagne.

Marieke Nijkamp, Corinne Duyvis en Adrian Stone op de Comic Con.

Marieke Nijkamp, Corinne Duyvis en Adrian Stone op de Comic Con.

Ik sprak Marieke een paar dagen daarvoor nog kort op de Comic Con, maar had geen idee van haar betrokkenheid bij dit onderwerp. Haar boek staat inmiddels op de leeslijst en de opmerkingen van haar en Selma neem ik mee in mijn volgende boek.

(Gelukkig had ik net een kort verhaal geschreven over de 14-jarige Marokkaanse Najiba die zichzelf opsloot in een torpedobuis van De Tonijn voor de verhalenbundel ‘Alle Hens’ die in juni uitkomt bij Uitgeverij Kluitman.)

Want ik ben nog niet lang genoeg

Want ik ben nog niet lang genoeg

Daarna volgde de daadwerkelijke Middag van het Kinderboek, deze keer niet onder auspiciën van de onvolprezen Ted van Lieshout, maar van Marco Kunst en Aby Hartog (of Merco en Aaby, zoals we ze voortaan noemen). Onder de noemer ‘Zijn er nog taboes in kinderboeken?’ kregen we een lezing over illustraties (conclusie: in de jaren 70 mocht er meer dan nu) en literatuur (Jaap Friso maakte duidelijk dat er eigenlijk over elk taboe wel een jeugdboek te vinden is). Ik mocht het podium op om schrijvers op te roepen lid te worden van de Vereniging van Letterkundigen en tijdens een forumgesprek bespraken Janny van der Molen, Floortje Zwigtman, Corien Oranje en uitgever Anke Werker onder leiding van Pjotr van Lenteren welke taboes er nog te schenden waren. Lees vooral deze blogs van Femke en Marlies over de verrassende uitkomst van dit gesprek.

Daarna was het bij babbelen en Spa rood drinken met m’n collega’s. Topmiddag!

Garnalen in zwarte bonensaus

Garnalen in zwarte bonensaus

Ik at in mijn eentje bij een Chinees restaurant op de Zeedijk, een achenebbisj tentje met fantastisch eten en geen mogelijkheid tot pinnen. Nadat ik twee keer op en neer was geweest, op zoek naar een pinautomaat, kwam ik terug met cashgeld en kon ik eindelijk naar:

Het gala van het Fantastische boek

Komisch duo De Twee Marcel's

Komisch duo De Twee Marcel’s

Wat vroeger de Paul Harland Prijs was, heet nu de Harland Awards. 200 korte verhalen werden er dit jaar ingezonden, een hele klus voor de jury om daar de beste uit te pikken, weet ik uit ervaring. Gelukkig bestond deze dit jaar uit Chris Kooi, Renée Vink, Martijn Adelmund en winnaar van vorig jaar Erik Heiser, onder de bezielde leiding van Tomas Ross (die wegens privéomstandigheden helaas verstek moest laten gaan). Samen met Marcel Vaarmeijer (de schrijver van het geweldige ‘Voor wie ik heb liefgehad,’ een collega die ik tot nu toe alleen van online kende) en zijn lieftallige echtgenote, luisterde ik naar de openingspeech van Martijn Lindeboom (op naar de Week van het Fantastische boek!), het hilarische verhaal van Jeff Vandermeer over zoetwaterinktvissen (je had erbij moeten zijn), het gepassioneerde pleidooi van Susan Smit aan niet-genre schrijvers (zoals zij zelf) is om hun boeken fantastischer te maken, de komische presentatie van Thomas Olde Heuvelt en Iris Compiet en de speeches van de prijswinnaars en het onthutsende verhaal van David Samwel Bol.

Jij bent een winnaar!

Jij bent een winnaar!

Chicklit (!) auteur Lisette Jonkman deed voor de eerste keer mee en won verrassend zowel de eerste prijs als de debuutprijs met haar korte verhaal ‘De vier stadia van verval’ en Auke Hulst mocht de allereerste Harland Award Romanprijs in de wacht slepen voor zijn ‘Slaap zacht, Johnny Idaho.

Daarna was het bij babbelen en Spa rood drinken met m’n collega’s. Topavond!

En nu? En nu ga ik twee weken aan één stuk door schrijven. In m’n eentje. Zonder drank.

Speel jij Iris of Alex in Superhelden.nl?

Annalise_Basso

Annalise Basso

‘Als er een film komt van Superhelden.nl, mag ik dan de hoofdrol spelen?’ Ik weet niet hoe vaak mij die vraag inmiddels gemaild is, maar het loopt in de tientallen. En altijd moet ik hetzelfde antwoord geven: ‘Als er ooit een film komt, dan ga ik daar niet over.’ En dat klopt. Schrijvers hebben over het algemeen niets te zeggen over het script of de casting, zelfs de heel beroemde niet.

Maar dat betekent niet, dat ik niet op zoek ben naar de perfecte kandidaat. En afgelopen week heb ik haar gevonden!

Vroegah was ik een enorme horrorliefhebber. Ik ging jaarlijks naar het Weekend of Terror, verslond alle ‘Hellraisers’ en ‘Nightmare on Elmstreets’ en herkeek klassiekers als ‘Fright Night,’ ‘The Thing,’ ‘The Fly’ en natuurlijk ‘Poltergeist’. Maar de laatste tijd ben ik een beetje klaar met horrorfilms. Dat heeft deels te maken met mijn leeftijd en het feit dat ik kinderen heb, maar ook met het genre dat de laatste jaren meer voor het bloed lijkt te gaan dan voor de spanning. De laatste horrorfilm die ik zag was The Orphanage, een briljante maar ook zeer verontrustende film en daarna had ik er wel weer even genoeg van.

Toen ze jonger was, was Annalise nog meer Iris!

Toen ze jonger was, was Annalise nog meer Iris!

Tot vorige week. Het was laat, iedereen lag al in bed en ik besloot een film te gaan kijken. Het werd ‘Oculus’ een uitstekende, bijna ouderwetse horrorfilm over een moordzuchtige spiegel met in de hoofdrol Karen ‘Dr. Who’ Gillan. Gillan speelt Kaylie, een jonge vrouw die vastbesloten is om de spiegel te vernietigen die verantwoordelijk is voor de dood van haar ouders. Door middel van flashbacks krijgen we langzaam maar zeker te zien wat er in haar jeugd gebeurd is.

De jonge Kaylie wordt gespeeld door Annalise Basso, een zeventienjarige schoonheid uit Missouri met knalrood haar en enorm veel pit. En de perfecte kandidaat om Iris te spelen!

En ja, ik weet dat het zo niet werkt. Want hoewel de Superheldenreeks het afgelopen jaar meerdere keren zijn opgevraagd door filmmaatschappijen, zijn er op dit moment helemaal geen filmplannen. En als ze er wel komen, dan beginnen de opnames pas over een jaar of twee en dan is Annalise alweer te oud. Om het maar niet te hebben over het feit dat ze Amerikaans is en vermoedelijk geen woord Nederlands spreekt en ik helemaal niks te zeggen heb over de casting.

flyer-a5-v2-beeldscherm-schoolmusical-superhelden-e1445963365770Toch is er een grote kans dat ik dit jaar nog een echte Iris mag aanschouwen. Want vanaf nu kunnen scholen ‘Superhelden.nl de schoolmusical’ bestellen. Het is een spannende eindmusical geworden met moderne, hippe muziek die speciaal voor leerlingen van Groep 8 ontwikkeld is. De musical beslaat de eerste twee boeken en is een welkome aanvulling op het aanbod van schoolmusicals in Nederland.

Dus jongens en meisjes van Nederland: dit is je kans om Iris, Alex, Fiber of YunYun te spelen! En als je mij een uitnodiging stuurt, kom ik in mei kijken!

Stuff happening!

Met de robot uit 'Robot op hol' van Mark Janssen!

Met de robot uit ‘Robot op hol’ van Mark Janssen!

Mei en juni zijn maanden waarin alles samen lijkt te komen. Boeken die bijna naar de drukker gaan of op het punt staan om uit te komen, lessen die zijn afgerond, buitenlandse collega’s die ik mag interviewen.

Omdat ik social media momenteel even oversla (om er voor te zorgen dat de boeken ook allemaal daadwerkelijk de boekhandel terecht komen) is hier een kort overzicht van alles wat er binnenkort van mijn hand te verschijnt of onlangs is afgerond. Hoop dat er wat voor je bij zit!

 

 

Lauren Beukes

broken-monstersLauren Beukes is een Zuid-Afrikaanse schrijfster van genre-fiction en een van de meest oorspronkelijke schrijvers van dit moment. Ik ben dan ook erg blij dat ze volgende week naar Nederland komt en dat ik haar 30 mei mag interviewen voor publiek bij de American Book Centre in Amsterdam. Er zijn nog een paar stoelen vrij, dus als je erbij wilt zijn, reserveer dan snel! Ik beloof je een mooie avond.

Je kunt ook nog steeds haar laatste boek ‘Broken Monsters’ winnen (in het Nederlands of in het Engels) en mijn recensie lezen!

TelekidsTelekids Boeken

Na ‘Elly’s Choice’ (een boekenabonnement voor vrouwen) is er nu ook ‘Telekids Boeken’ een digitale kinderboekenclub waarin diverse uitgeverijen en RTL samenwerken om kinderen aan het ‘digitale’ lezen te krijgen. Voor 2,99 per maand (iets meer dan 35 euro per jaar) kunnen kinderen en andere liefhebbers van jeugdliteratuur tien e-boeken per maand downloaden. Deze maand o.a. boeken van Paul van Loon, Marianne Busser & Ron Schröder, Bette Westera, Marion van de Coolwijk, Carry Slee. Ook mijn ‘Superhelden.nl’ serie is er te lezen. Deze maand staat het eerste deel erin, de andere delen volgen later. Hier kun je lid worden.

Ik heb geen idee of het e-lezen de toekomst gaat worden of niet, maar ik ben erg benieuwd naar de resultaten. Laat mij vooral weten wat jouw ervaringen met ‘Telekids boeken’ zijn.

parents-with-three-children-watching-televisionKinderboekeninternettelevisieprogramma

Al vier jaar loop ik rond met het Waanzinnige Plan om een maandelijks internettelevisieprogramma te produceren rond kinderboeken en kinderboekenschrijvers. Ik heb met vele producenten en mensen uit het boekenvak gesproken, maar hoewel iedereen heel enthousiast reageert, resulteerde dat nog niet in een concreet programma.

Daar is nu verandering in het komen! Op dit moment wordt er een pilot voor het programma ontwikkeld door studenten van de Hogeschool Utrecht met mij als opdrachtgever. Ik heb de eerste ontwerpen net gezien en het wordt geweldig! De items voor de pilot worden de komende weken geschoten, eind juni komt de pilot gratis online te staan en kan zowel thuis als in de klas bekeken worden. Binnenkort meer hierover.

23331-boj-robot-osRapp en Rob

Rapp en Rob zijn twee broers waarvan er één een robot is. In ‘Robot op Hol’ en ‘Het verdwenen geluid’ beleven zij spannende avonturen wanneer zij besluiten om ongevraagd de uitvindingen van hun moeder te ‘lenen’. De boeken zijn de eerste twee uit een reeks voor de middenbouw en verschijnen deze zomer bij uitgeverij Zwijsen. De werkelijk fantastische tekeningen zijn van Mark Janssen.

De boeken zijn nu te bestellen bij Uitgeverij Zwijsen én sluiten aan bij het thema van de kinderboekenweek 2015 ‘Raar maar waar’.

 

Boek losGeen Tijd, Geen Geld, Toch Doen

Mijn ‘vervolg’ op ‘Waanzinnige Plannen’ heet ‘Geen Tijd, Geen Geld, Toch Doen’ en is bijna af! Ik ben nu de derde – en laatste – versie aan het herschrijven en lever het manuscript volgende week in bij uitgeverij Scriptum. Het boek – dat 12,50 gaat kosten en hopelijk gaat zorgen dat er nog veel meer mooie en waanzinnige plannen gerealiseerd gaan worden de komende jaren – ligt voor de zomervakantie in de winkel. Na de zomer kun je – naast mijn Waanzinnige Plannenlezing – ook een lezing GTGGTD boeken via www.waanzinnigeplannen.nl.

SpannendNachtmerrieman

Iedere ochtend sta ik om vijf uur op om aan ‘Nachtmerrieman’ te schrijven. En nee, dat is geen ‘nachtmerrie, man’ maar een zegen. Het huis is doodstil, geen kinderen of mail of telefoon. Het enige dat ik hoor zijn de vogels en het geratel van mijn toetsenbord. Ik heb inmiddels de structuur en de toon van het boek gevonden en moet het ‘alleen nog maar’ schrijven. 1 juni vertrek ik naar Frankrijk om daar zeven dagen fulltime aan de thriller te schrijven in gezelschap van tien andere auteurs. Volgens mijn huidige planning lever ik het manuscript voor het einde van dit jaar in bij uitgeverij Meulenhoff Boekerij en verschijnt het ergens in 2016.

En donderdag 28 mei mag voor het eerst naar De Avond van Het Spannende Boek in de hoedanigheid van thrillerauteur!

child-writing-pictureSchrijver op school

De afgelopen maanden heb ik vier bovenbouwklassen van de Montessorischool Oog in Al in Utrecht in vier lessen geleerd hoe verhalen in elkaar zitten en hoe ze die zelf kunnen schrijven. Hoe belangrijk een eerste zin is die de aandacht trekt en de fantasie van de lezer prikkelt. Hoe je een personage opbouwt en hoe je van ogenschijnlijk simpele gebeurtenissen spannend verhalen maakt. Extra bijzonder was dat mijn zoon Daniel eindelijk oud genoeg was om mee te mogen doen!

Tijdens de vakantie zijn de leerlingen zelf aan de slag gegaan. Soms alleen en soms in duo’s hebben ze verhalen geschreven over inbrekers, weeskinderen met een geheim, meisjes die mishandeld werden door hun vader, kinderen die strandden in de bergen van Irak of wakker werden in een rijdende trein zonder een idee hoe ze daar terecht waren gekomen. Grappige verhalen, spannende verhalen, maar vooral: goed geschreven verhalen.

Ik ben enorm trots op wat deze vier groepen bovenbouwers gepresteerd hebben, hoe hard ze hebben gewerkt en vooral: met hoeveel plezier. Ze dachten mee, stelden kritische vragen en wilden alles weten over hoe boeken, tv-series en films werken.

Ik hoop dat ik ze een beetje heb kunnen laten zien wat het vak van een schrijver inhoud. En hoe de verhalen die zij zelf lezen zijn opgebouwd. En misschien – heel misschien – staat één van hen over twintig jaar wel voor de klas om de nieuwe generatie te vertellen hoe het is om schrijver te zijn. Aan het talent zal het niet liggen, want de verhalen die ik voorgelezen heb gekregen waren prachtig!

Wil je dat ik ook bij jou op school kom lesgeven over hoe kinderen zelf je verhalen kunnen vertellen, neem dan even contact met mij op.

superhelden-nlSuperhelden.nl

Goed nieuws: Superhelden.nl wordt alsmaar vaker en vaker gelezen! Dankzij de enthousiaste verhalen van de fans en de inspanningen van de boekverkopers gaat deel 1 al naar de achtste druk! In Duitsland zijn ze inmiddels begonnen met de vertaling en een aantal andere landen zijn zeer geïnteresseerd in de rechten. En er staat een nieuw deel op stapel voor volgend jaar! Daar binnenkort meer over.

Kinderboekenweek

Het thema van de kinderboekenweek 2015 is ‘Raar maar waar’ en gaat over wetenschap. Voor de onderbouw kom ik vertellen over ‘Billy de Kip’ en zijn robots (en kunnen kinderen achteraf hun eigen kijkdoos bouwen met tekeningen uit het boek). De middenbouw krijgt alles te horen over ‘Rapp en Rob’ en hun uitvindingen en in de bovenbouw gaan we natuurlijk lezen en gamen met ‘Superhelden.nl’. Speciaal voor hen wordt er op dit moment een apparaat gebouwd die ik kan bedienen met de chip in mijn arm.

Wil je mij boeken voor de kinderboekenweek, wees er dan snel bij, want het loopt al behoorlijk vol!

En dan zijn dit de boeken en de projecten waar ik al over mág vertellen. Wat er is nog veel meer gaande…

Wordt vervolgd!

Ik ben geen schrijver

Lezing1‘Jij bent helemaal geen schrijver,’ zei mijn echtgenote. ‘Je bent een verhalenverteller, maar het medium maakt eigenlijk niet uit. Of je nou een boek schrijft, op het podium staat of op Twitter bent, je doet altijd hetzelfde: een verhaal vertellen.’

Haar opmerking is alweer van een paar jaar geleden, maar ik moest er gisteren aan denken toen ik bij de lezing ‘Hoe word je volgeboekt?’ (als spreker) van Bart van den Belt aanwezig was. Ik was vooraf een beetje bang dat het een ‘Hoe word ik miljonair?’ -achtig verhaal zou worden, (of zoals Erwin Blom het op Facebook noemde: ‘de coach coacht de coach, wordt allemaal miljonair, het kan makkelijk! (maar reken hier eerst even een kapitaal af)) maar gelukkig was het vooral een praktisch en simpel verhaal van een collegaspreker.

Volgens Bart zijn er vier soorten sprekers:

  1. De Gelukszoekers. Dat zijn sprekers die grijpen wat er langskomt, weinig verdienen en weinig tot geen impact hebben op hun publiek.
  2. De Sprekers zonder Plan. Die zijn meer bezig met hun zichtbaarheid dan met hun toegevoegde waarde.
  3. De Zelfstandige Professionals zijn vooral bezig met informeren, kennis overdragen.
  4. De Zakelijk Succesvollen inspireren, willen verschil maken en maken het verschil zichtbaar aan hun opdrachtgevers.

Gevoelsmatig hoor ik bij de laatste groep. Ik wéét dat mijn Waanzinnige Plannen lezingen verschil maken. Gemiddeld begint een kwart van de deelnemers de volgende dag aan de uitvoering van een ooitdroom waar ze soms al jaren van wakker liggen. Ik weet dat mensen aan boeken zijn begonnen, heb ze voor zichzelf zien beginnen, een gecrowdfunde zien film maken. En vorige week emigreerden er twee vrouwen die vóór mijn lezing een jaar hadden getwijfeld en de dag erna een vliegtuigticket boekten. Ik weet dat wat ik doe impact heeft.

Lezing2“Marcel van Driel staat stralend op het podium en neemt je met zijn positiviteit, inspiratie en daadkracht mee in zijn verhaal van het waarmaken van de meest gave ideeën en waanzinnige plannen. Hij is de held van zijn eigen verhaal en hij laat jou ook ervaren hoe je de held van jouw eigen verhaal wordt! En zoals dat meestal gaat: helden overwinnen moeilijkheden. Marcel laat je zien dat je alle excuses en opgeworpen moeilijkheden terug kan brengen tot een universele angst. Hij schetst, heel reëel, geen toekomstbeeld waarin angst verdwijnt. Hij laat je ervaren dat dit blijft bestaan en… hoe je tegelijkertijd je waanzinnige plan uitvoeren! Dat is pas heldhaftig!” – Claar Grooten.

Waarom voldoe ik dan toch aan het beeld van de gelukszoeker? Waarom heb ik de ene maand vijf lezingen en de twee maanden daarna niks? Waarom haal ik de grote bedrijven niet binnen, zoals mijn collega’s, zoals Bart?

Omdat ik niet zichtbaar ben als spreker, realiseerde ik mij. Niet alleen omdat ik mij voornamelijk profileer als schrijver, maar ook omdat ik zo leef! Ik ben namelijk ontzettend slecht bereikbaar.

Voorbeeldje: op de site van Waanzinnige Plannen staat een contactformulier. Recent vond ik een aanvraag voor een lezing in mijn spamfolder. Die zat daar al twee weken. Iedere maand wordt deze folder automatisch gewist door Google Mail. Hoeveel potentiële klanten ik gemist heb? Ik weet het niet.

wIMG_2183

Als kinderboekenschrijver word ik wel continu geboekt

Op twitter weten we allemaal wie je bent en wat je doet,’ zei iemand bij de borrel na afloop tegen mij. ‘Maar de mensen die jou gaan boeken, die hebben nog nooit van je gehoord. En ze kunnen je ook niet vinden.’ En inderdaad, de meeste aanvragen voor lezingen komen via social media van mensen die ik al ken.

Sprekers, zo leerde ik gisteren, hebben een duidelijke Call to Action op hun site staan. BEL MIJ! MAIL MIJ! Ze maken duidelijk aan hun bezoekers waar ze voor staan en waar ze voor in gehuurd kunnen worden, zoals een bakker duidelijk maakt wat er bij hem te halen valt.

Ik doe dat niet. Ik blog wel en trek ook behoorlijk veel bezoekers (gemiddeld 20.000 tot 30.000 per blog) maar de conversie – zoals dat zo mooi heet – is minimaal. Hoe komt dat?

Omdat ik mijzelf zie als schrijver en niet als spreker. Omdat ik het ‘erbij doe’. Om dat ik zo min mogelijk gestoord wil worden als ik schrijf, ben ik als spreker nauwelijks te vinden, laat staan te boeken.

En eerlijk gezegd is dat niet alleen heel jammer maar ook gewoon stom van mij.

Ik wil namelijk de wereld veranderen. Ja, ik weet hoe dat klinkt, zeker in Nederland. Maar het is wel zo. Mijn boeken zijn in eerste instantie bedoeld om te entertainen, maar dat betekent niet dat ik niets te vertellen heb. De Superhelden.nl trilogie is spannend vermaak, maar de boeken gaan ook ergens over. Over hoe om te gaan met autoriteit, over je eigen normen en waarden neer durven zetten, ook al vindt de meerderheid wat anders. Over hoe er naar sterke vrouwen wordt gekeken in onze maatschappij.

Mijn WP-lezing was in eerste instantie bedoeld om mijn basisinkomen aan te vullen. Maar daar doe ik het allang niet meer voor. Ik wil niet voor een zaal gaan staan, ‘Tjakka!’ roepen, cashen en weer naar huis gaan. Ik wil dat de mensen in de zaal zich iets realiseren. Dat het niet een gebrek aan geld of tijd is dat ze tegenhoudt, maar zijzelf. Dat hun ooitdroom realiseren gewoon tot de mogelijkheden behoort. Dat je daar in essentie niet eens heel veel voor hoeft te doen. (En dat je daar geen dure vervolgtraining voor nodig hebt). En het werkt! Ik zie dat, ik hoor dat. Het is meetbaar.

“Tijdens zijn lezing vol persoonlijke ervaringen, humor en interactie loodst inspirator Marcel van Driel je door het uitvoeringsproces van jouw Waanzinnige Plan. Ik besefte gaandeweg de lezing dat ik al een eind op weg ben met mijn plan maar dat ik een duidelijker doel moet stellen om het uiteindelijk te laten slagen. Welk plan je ook hebt, de lezing – en het boek – geven je precies de ondersteuning en aansporing die je nodig hebt om je ‘ooitdroom’ te gaan uitvoeren en, het belangrijkste, dit vol te houden tot de finish.” – Anouk Paus.

Maar dan moet ik wel geboekt worden! Meer dan die twintig keer per jaar die ik nu voor een groep sta. En daarvoor moet ik mij eerst zelf iets realiseren:

Ik ben spreker. En sprekers moeten geboekt kunnen worden. Bedrijven moeten uitgedaagd worden om mij in huis te halen (en meteen een reactie krijgen als ze een mail sturen). Ze moeten me kunnen bellen.

Dat wordt de website aanpassen, dus.

Ik ben (en blijf) natuurlijk óók schrijver, net zo goed als ik ook vader ben en echtgenoot en vriend. Ik ga ook niet minder schrijven, ik ga alleen maar meer verhalen vertellen op nog meer plekken, voor nog meer mensen.

Je kunt mij nu boeken voor in je in huiskamer, je vereniging of je bedrijf. Ik reageer meteen.

En ik ga vaker naar mijn echtgenote luisteren.

Mijn zoon, mijn assistent, mijn superheld

KinderboekenfeestIk kreeg de uitnodiging voor het Nijmeegse Kinderboekenfeest al vrij vroeg in het jaar en stond in dubio. Traditiegetrouw reizen alle kinderboekenschrijvers op de laatste zondag van de kinderboekenweek af naar Den Haag om daar het feest af te sluiten. Dat is leuk voor de lezer – die meer dan honderd schrijvers en illustratoren op één plek aantreft – en leuk voor ons, omdat het één van die schaarse momenten is waarop we collega’s kunnen zien en spreken.

Maar ja, één van de klachten uit het land is dat Den Haag niet voor iedereen ideaal is qua afstand. Daarom worden er steeds vaker kinderboekenfeesten in andere delen van het land georganiseerd. En dan moeten daar wel schrijvers komen, natuurlijk.

Ik zei ja.

Ik vroeg mijn oudste zoon (9) of hij het leuk vond om een keer mee te mogen. Er was vast genoeg te doen en als hij wilde kon hij naar de voorstelling van Bibi Dumon Tak.

DanielHij ging mee, maar was niet van mijn zij te slaan. Daniel hielp meteen mee het podium op te bouwen. Hij zette de rolbanner neer, pakte de boeken uit en zette ze op een tafeltje en controleerde of alle snoeren van de laptop wel vastzaten. Tijdens beide voorstellingen zat hij op de voorste rij en vulde mijn verhalen gevraagd (en soms ongevraagd) aan met zijn eigen anekdotes.

Hij kan dat.

Na afloop ging ik signeren. Naast mij zat Bibi die handtekeningen zette in haar prachtige nieuwe boek ‘Wij gingen achter hamsters aan’ (een boek dat wat mij betreft de prijs voor de mooiste titel van het jaar moet krijgen). Voor ons stonden rijen kinderden die hen net aangeschafte boeken bij ons kwamen laten signeren. En Daniel? Die ruimde het podium af, klapte de rolbanner in en borg de boeken weer op. Daarna haalde hij spekjes voor Bibi en ging hij ansichtkaarten uitdelen van ‘Superhelden.nl deel 3’.

BiesDe organisatie bedankte mij voor mijn komst. Daniel kreeg ook compliment: ‘Die jongen van jou kan zo de PR in,’ zeiden. Ze gaven hem een tas met een boek van Bies.

En ik was trots. Die jongen van mij, die komt er wel.

Mijn Superheld.

Mijn Manuscripta

Ik had een fan

Ik had een fan

Manuscripta was voor het eerst in Utrecht. En dat beviel mij uitstekend! (En nee, niet alleen omdat het tien minuten fietsen van mijn huis is.) Het was er gemoedelijk druk en dat gaf iedereen ruim de gelegenheid om zijn of haar favoriete auteur te ontmoeten. Zo zag ik Ingrid en Dieter Schubert signeren bij de Utrechtse Kinderboekhandel, waar ik ook even bij kletste met Thijs Goverde. Henk Spaan en Adriaan van Dis liepen langs, met Herman Koch in hun kielzog, om te signeren en interviews te geven. Ik zag een stukje van het interview met Mel Wallis de Vries. Helaas was de akoestiek in de centrale hal van het stadhuis zo slecht dat ik slechts één op de drie woorden kon verstaan.

Gelukig was het buiten fantastisch weer.

MichaIk mocht een uur signeren bij de stand van De Fontein. Op weg ernaartoe kwam ik collega en toffe peer Micha Meinderts tegen die mij zijn boek gaf omdat hij jarig was. Samen waren wij die dag een onafscheidelijk duo. Wij spraken en vermaakten ons met collega’s Simone van der Vlugt, Nanda Roep, Suzanne Peters, Elsbeth Witt en Martijn Lindeboom die langskwamen om bij te kletsen en zoenen uit te wisselen (een feature die Facebook nog niet ondersteunt.) Ondertussen signeerde ik af en toe een boek, een kaart of een Superheldenposter (op de rug van een – mag ik dat zeggen? – hele mooie moeder) en mocht ik met mijn fans op de foto. Ik beantwoordde de meest gestelde vraag met: ‘4 november in de winkel!’ en sprak met Eveline Karman die volgend jaar debuteert bij De Fontein met ‘Verstrikt’.

Mooi versje van Lars

Mooi versje van Lars

Bij een biertje bij de stand van Meulenhoff (die heel blij waren om te horen dat ik morgen aan Nachtmerrieman ga beginnen) ontmoette ik Lars van der Werf. Lars schrijft versjes op de typemachine. Ze zijn schattig, ontroerend en komen soms ook binnen, zoals deze die hij schreef voor iemand die onlangs haar zoon op veel te jonge leeftijd verloor. Zijn boek ‘Versjes van Lars’ verschijnt 3 november.

Er was natuurlijk nog veel meer te doen en te zien op Manuscripta, maar ja, daar was ik niet bij.

Volgend jaar weer in Utrecht?

Onze kinderen zijn de echte superhelden

01a8a1b5573900eaf899e6d1b8fddfef67d1735f10Het waren de laatste schooloptredens voordat de vakantie begint. Op woensdag reisde ik naar Voorburg naar een school met een echte boekenclub. De kinderen van de bovenbouw van ‘De Vijverhof’ hadden mijn Superheldenboeken uitgekozen als ‘boek van het jaar’! Allemaal hadden ze een exemplaar en allemaal waren ze superbenieuwd naar het laatste deel. Exclusief voor hen las ik voor uit Superhelden3.nl, die volgende week naar de persklaarmaker gaat.

01252eef330a2e4123c5afb5bfff4e2c958f622691

Ik wist niet wat ik meemaakte. De kinderen waren zo enthousiast over mijn boek en over de karakters! Ze waren zo benieuwd naar hoe het allemaal af ging lopen! Ze stelden geweldige vragen, wilden allemaal een handtekening in hun boek, wilden weten of er een film kwam, waarom ik het boek zo geschreven had en waarom er zoveel in gevloekt werd.

Die laatste vraag liet ik ze zelf beantwoorden. En ze kwamen allemaal met het juiste antwoord.

Het waren twee klassen vol Superhelden en ik realiseerde mij hoe dankbaar ik ben voor mijn trouwe lezers. Lezers die de boeken vijf, soms wel tien keer gelezen hebben. Die iedere gebeurtenis kennen, ontwikkelingen voorspellen, meeleven met de personages die ik bedacht heb. Ze leven op dezelfde manier mee met Iris, Alex en Fiber, als ik vroeger met Tiuri, Dolf, Bastiaan, Krabat en Mijnewel en Jouweniet.

En ik bedacht me dat het nog geen drie jaar geleden is dat Superhelden.nl uitkwam en niemand van mij gehoord had.

0116695c0ad7808fdef20ddde7dedecc0264d8224c ‘s Middags mocht ik met twintig kleuters dansen en zingen en vertellen over ‘Billy de Kip’ in de prachtige kinderboekwinkel ‘In de Wolken’ en sprak ik met een zestal tieners over de Superheldentrilogie.

Donderdag kwamen de kinderen naar mij toe in de bibliotheek van Coevorden. Het is een prachtig gebouw waar bieb en museum in elkaar overlopen. De klassen hadden allemaal een kist met mijn boeken gekregen en zich gedegen voorbereid. Sommige hadden wel twaalf (!) van mijn boeken gelezen en ze stelden  geweldige vragen over hoe personages ontstaan en of ik nog een boodschap probeer mee te geven in mijn boeken. Vragen die mij én de leerkrachten verrasten, die je niet zou verwachten van negen en tien jarige kinderen uit groep zes en zeven.

En ik realiseerde mij nog iets. De kinderen die nu op school zitten, dat zijn onze superhelden. Zij hebben het allemaal in huis, de kennis, de compassie, de visie om de wereld te veranderen. Niet op de manier van Mr. Oz, met geweld en bedreiging, maar met passie en vastberadenheid.

Onze kinderen, onze superhelden, onze toekomst.

Verslag van de eerste nationale Kinderboekwinkeldag

Kinderboekhandel 'In de Wolken' in Voorburg

Kinderboekhandel ‘In de Wolken’ in Voorburg had Georgien Overwater en Gertie Jaquet op bezoek.

Op woensdag 23 april was de eerste nationale Kinderboek(en)winkeldag. Meer dan zestig kinderboekenschrijvers en –illustratoren bezochten één van de ruim dertig kinderboekwinkels die meededen. Daar lazen ze voor, babbelden met hun fans, maakten tekeningen, zongen liedjes en zetten hun handtekeningen in de boeken.

De dag was een cadeautje van ons – de auteurs, de illustrators – aan de boekhandels die dag in dag uit hun best doen om de mooiste kinderboeken van Nederland bij de kinderen te krijgen. En dan niet alleen de bestsellers, maar juist de vergeten juweeltjes, de nog niet ontdekte klassiekers, de pas verschenen debuten. Want dat is een kenmerk van de kinderboekhandel: de medewerkers hebben (bijna) alle boeken gelezen die ze verkopen. Kom daar maar eens om in een filiaal van een keten met een eigenaardige naam.


Aandacht voor de Kinderboekwinkeldag bij ‘De kleine Kapitein’ in Groningen

Zelf mocht ik aantreden bij De Utrechtse Kinderboekhandel en bij Kinderboekwinkel Kakelbont. We kregen een heerlijke lunch aangeboden bij de eerste winkel. Anna Woltz signeerde haar nieuwe boek voor mij, terwijl Hans en Monique Hagen ons vermaakte met verhalen over slimme neefjes. Daarna was daalden we af naar de winkelvloer om voor te lezen. Monique Hagen en ik gingen naar Kakelbont, Raymond Zachariasse, Diet Groothuis en Hans Hagen bleven. Later wisselden we om.

Lunch

Lunch met Anna Woltz, Diet Groothuis, Hans en Monique Hagen, Annet Schaap en Raymond Zachariasse.

In Kakelbont was het gezellig met mensen die voornamelijk naar Monique Hagen kwamen luisteren. Ik genoot ook van haar gedichtjes en haar presentatie. Ik kletste bij met Ans en Menno van de winkel, las voor uit ‘Superhelden.nl’ en wist nog een ‘Billy de Kip’ te verkopen. En ondertussen spiekte ik op mijn telefoon, waar de eerste foto’s uit kinderboekwinkels uit heel Nederland op de Facebookpagina binnenstroomden. Vrolijke foto’s vol met blije gezichten.

Marion van de Coolwijk en Anita Breetveld-Boots bij De Houten Trein in Alkmaar.

Marion van de Coolwijk en Anita Breetveld-Boots bij De Houten Trein in Alkmaar.

Het was een dag met twee gezichten, schreef auteur Pieter Feller op de Facebookpagina, en dat klopte wel een beetje. Het was in alle opzichten een prachtige dag – de zon scheen, de schrijvers, illustrators, boekhandelaren en niet te vergeten de kinderen, waren enthousiast. Maar er waren niet heel veel bezoekers. En dat had twee redenen.

De Kinderboekwinkeldag is voortgekomen uit de kinderboekenschrijversflashmob (drie keer de woordwaarde) die vorig jaar in Maastricht plaatsvond. Nanda Roep en ik namen vrij recent de organisatie over voor wat betreft de Kinderboekenwinkeldag. De tijd was net lang genoeg om de vele schrijvers en illustrators aan de winkels te koppelen, maar niet om een uitgebreide perscampagne op te zetten.

Jowi bij Spinzi

Jowi Schmitz en Milo Freeman waren in de tuin van boekhandel Spinzi.

Ten tweede – en dat is misschien nog wel belangrijker – kost het gemiddeld drie jaar om van een dag als deze een begrip te maken. Volgend jaar hebben we een groot voordeel: niet alleen hebben we dan veel meer tijd om de dag voor te bereiden en aan te kondigen, we hebben foto’s en filmpjes om te laten zien hoe ongelofelijk leuk het was.

Ik voorspel dat in het in 2015 een stuk drukker wordt en dat in 2016 de nationale Kinderboekwinkeldag een begrip is in Nederland.

Nu moeten we alleen nog beslissen: is het Kinderboekwinkeldag of is het Kinderboekenwinkeldag?