What the fuck?!

What the fuckKen je dat, dat je een aflevering van een serie zit te kijken – in dit geval tijdens de lunch na een intensieve schrijfsessie – en dat je tijdens de laatste seconden van de aflevering de afstandbediening al pakt om de tv uit te zetten (omdat er facturen gemaakt moeten worden en kinderen uit moeten worden gehaald) en dat er in die laatste seconde iets gebeurt dat zo heftig is en zo onverwacht dat je hardop ‘FUCK!’ naar het scherm roept en nog een keer, voor het geval je het verkeerd gezien hebt en dan vol ongeloof naar de tv staart dat de makers zoveel lef hebben om dit te doen en dat je naar Twitter en Facebook wilt rennen om erover te praten en je dan realiseert dat je de serie op Netflix kijkt en halverwege seizoen twee bent en dat er vier seizoenen op staan (en er misschien al wel een vijfde in de Verenigde Staten is uitgezonden) en dat andere mensen misschien al wel veel verder zijn en de rest van de serie voor je spoilen als je er iets over zegt en dat er misschien ook wel mensen zijn die nog aan de serie moeten beginnen en wiens plezier je vergalt als je iets over verklap (en dat je weemoedig aan die avond/nacht denkt dat je die ene ragbinkendgave aflevering van Millennium zag – je weet wel, die met ‘Horses’ van Patty Smith – en uren daarna de ins en outs van de episode besprak via de telefoon en ICQ (ja, kinderen, ICQ) en dat je ineens een idee krijgt voor Superhelden.nl dl 4 waarmee je iets soortgelijks kan doen met één van je eigen karakters – maar dan compleet anders natuurlijk, want het is een compleet andere serie die ik schrijf met compleet andere personages – wat hopelijk hetzelfde effect heeft als de serie net op mij en dat lezers eind 2016 keihard ‘What the fuck did I just read?’ naar het boek roepen als ze lezen wat je gedaan hebt en je je daar nu al over kan verkneukelen?

Ken je dat gevoel?

Ik nu wel.

Wat we kunnen leren van ‘Whiplash’ of: hoe ver wil je gaan voor je kunst?

WhiplashIk heb een hekel aan bullies, mensen die je met fysiek dan wel geestelijk geweld proberen te kleineren. Ik heb beide vormen van pesten te vaak meegemaakt. Op de basis- en middelbare school kreeg ik veel naar mijn hoofd geslingerd, maar het was met name het fysieke geweld waardoor ik niet meer naar school durfde en mij verstopte in boeken.

Tijdens mijn werkzame leven in loondienst kwam ik in aanraking met verbale mishandeling. Managers die sarcastische opmerkingen maakten als medewerkers (of ik) een handeling niet in één keer snapten, die hun positie probeerden te bewaken door anderen onderuit te halen, of hun personeel dacht te motiveren door ze uit te schelden.

Over die laatste aanpak gaat de film Whiplash. Drummer Andrew Nieman (Miles Teller) wil dolgraag in de jazzband spelen van dirigent Fletcher (J.K. Simmons die een Oscar won voor zijn rol) maar de leraar blijkt een tiran die zijn jongens tot de bodem toe afbrandt om te zien wie er overblijft.

KatmanHoewel ik mijn pestverleden met succes achter mij heb gelaten (onder andere door er een boek over te schrijven: ‘Help, Katman! Help!’ genaamd), blijf ik het lastig vinden om naar dit soort scènes te kijken. Ik had echt de neiging om naar het scherm te schreeuwen: ‘Ga weg! Doe iets anders met je leven, laat het niet verknallen!’ Maar tegelijkertijd bekroop mij een ander gevoel. Hoe goed zou ik zijn als iemand mijn boeken op dat niveau zou bekritiseren? Zou ik een betere schrijver worden of zou ik de handdoek in de ring gooien?

Op het meest cruciale moment van de film, zegt Fletcher tegen Andrew: ‘There are no two words in the English language more harmful than “good job”.’ Wat hij hiermee wil zeggen, is dat je niet beter wordt van complimenten. Iemand die wil excelleren, móet tegen harde kritiek kunnen. Sterker nog: zonder kritiek kun je niet beter worden. Hij zegt daarover: ‘I was there to push people beyond what’s expected of them. I believe that’s an absolute necessity.’

En ik moest denken aan de Paul Harland prijs. De PHP is een prijs voor het beste fantastische korte verhaal. Afgelopen jaar deden er 202 verhalen mee. Dat betekent dat er 201 verhalen niet de beste waren. Die verhalen kregen commentaar van de jury, soms kort, soms lang. Soms positief en vaak negatief. En vooral op dat laatste was kritiek. Sommige schrijvers vonden het commentaar te bot. Anderen schreven dat kritiek opbouwend moest zijn en nooit aanvallend, anders konden ze er niets mee.

En ik dacht: die komen er niet. Nooit.

Paul-Harland-Prijs-2014-trofeeEr is een tijd en een plaats voor opbouwende kritiek. Maar is soms ook absolute noodzaak voor harde kritiek. Voor duidelijk maken dat je er op deze manier niet komt. Voor pijnlijke keuzes maken. Kijk maar naar de sport. Lieve coaches maken geen kampioenen.

Maar dat is wat anders dan pesten. En dat is wat Fletcher doet. Fletcher is geen coach, hij is een bully, een klootzak van het zuiverste water. Hoe goed zijn bedoelingen ook mogen zijn, zijn methode deugt niet en beschadigt mensen.

Maar zoals Martijn Aslander altijd zegt: ik heb misschien geen gelijk, maar ik heb wel een punt. Fletcher heeft wat mij betreft geen gelijk, maar als hij zegt dat zachte heelmeesters stinkende wonden maken, heeft hij wel een punt.

Ik kwam behoorlijk onder de indruk uit de bioscoop en twitterde: ‘Whiplash. Intense film! Tweede vijfsterrenfilm van dit jaar.Ik kreeg meteen een reactie van Mieke van Stigt, schrijfster van het boek ‘Alles over pesten’. Ze tweette: ‘De zoveelste rechtvaardigingstheorie voor #pesten: je krijgt er goede drummers van? Lees ook Kuitenbrouwer NRC 19/2’.

Brody-Whiplash-1200

Haar reactie verbaasde me. Want de boodschap van de film is absoluut niet gelijk aan die van het personage Fletcher. Waar Fletcher met liefde 99% van zijn studenten afbrandt om dat ene talent op grote hoogte te krijgen, laat de film zien wat voor effect dit heeft op hem en zijn band. Iemand pleegt zelfmoord, de hoofdpersoon laat alles en iedereen in de steek en verandert langzaam in een kloon van Fletcher. En Fletcher zelf raakt alles kwijt waar hij voor vecht.

Fletcher is ook absoluut de antagonist van de film, de tegenstander, de slechterik. Hij is niet de ‘inspirerende leraar’ uit Dead Poets Society, hij is Sergeant Hartman in Full Metal Jacket.

Ik zocht het stuk op Kuitenbrouwer. Hij noemde ‘Whiplash’ een k*tfilm, historisch onjuist en gebaseerd op Dr. Phil-psychologie, waarbij het sociopathische gedrag van Fletcher de genialiteit van Nieman moet laten ontluiken, die vervolgens ‘manisch gaat zitten trainen, als een soort Rocky met drumsticks, tot het bloed uit zijn handen spat,’ aldus Kuitenbrouwer.

De fout die Kuitenbrouwer maakt, is dat hij de beweegredenen van de antagonist verwart met die van de filmmaker. Alsof schrijver/regisseur Damien Chazelle ons wil vertellen dat bullying dé manier is om talent boven te laten komen drijven. En dat gaat er bij mij niet in. Niet na het zien van de film. Want zonder het einde van ‘Whiplash’ te willen verklappen, is het op z’n minst ambivalent te noemen.

Chazelle

In een interview bevestigde Chazelle mijn vermoedens. De film is deels op zijn eigen ervaringen als muzikant gebaseerd en op de vraag of muziek spelen leuk moet zijn of dat je koste wat kost de beste moet willen worden. Chazelle antwoordt daarop: ‘I guess it’s still something I’m not sure about. If you’re going to play music or do any art form, just as a hobby or as purely a source of enjoyment, then yeah, you should enjoy it. But I do believe in pushing yourself. If you actually take the idea of practice seriously—to me, practice should not be about enjoyment. Some people think of practice as “You do what you’re good at, and that’s naturally fun.” True practice is actually about just doing what you’re bad at, and working on it, and that’s not fun. Practice is about beating your head against the wall. So if you’re actually serious about getting better at something, there’s always going to be an aspect of it that’s not fun, or not enjoyable. If every single thing is enjoyable, then you’re not pushing yourself hard enough, is probably how I feel. But this movie takes it to a extreme that I do not condone. [Laughs.]’

‘Als ieder aspect leuk is, dan maak je het jezelf niet moeilijk genoeg.’ En daar kan ik me helemaal in vinden!

Gisteren vroeg iemand mij op twitter: ‘Marcel, hoe lukt het jou als schrijftijger, om elke dag weer zo productief te zijn?’ Ik antwoordde iets over ‘iedere tijd inplannen en deadlines’ maar het gaat natuurlijk over iets heel anders. Ik MOET dat boek schrijven. Ik wil absoluut beter worden, mijzelf overstijgen, de uiterste grenzen van mijn kunnen opzoeken. Niet schrijven is geen optie, net zoals niet oefenen geen optie is voor Andrew Nieman.

De vraag is: hoe ver wil jij gaan voor je kunst?

Waarom ik een chip in mijn arm heb

Ik krijg een chipIn mijn Superhelden.nl-trilogie worden honderden kinderen ontvoerd door de mysterieuze Mr. Oz naar het eiland Pala. Daar krijgen de kinderen één voor één een chip in hun nek. De chip bevat zowel een tracker – waarmee hij exact kan zien waar zijn Superhelden zijn – en gif. Mochten de kinderen proberen te ontsnappen, dan kan hij er met één druk op de knop voor zorgen dat het hun laatste daad is.

Afgelopen week liet ik zelf een chip in mijn lichaam implanteren. Niet in mijn nek, maar in mijn hand. Dat riep nogal wat reacties op, om het voorzichtig te zeggen. Sommigen vonden het cool en stoer, anderen maakten er grappen over (De man van 6,95 was mijn favoriet), anderen verklaarden mij volstrekt voor gek. Laura Babeliowsky bijvoorbeeld, die schreef: ‘Dat meen je niet, Marcel… weet dat je een voorbeeldfunctie vervult. De bedoeling is dat we allemaal zo’n chip krijgen om ons tot slaaf te maken. Serieus, ik geloof dit echt. Er wordt veel over geschreven nu, om ons ervoor rijp te maken.’

Die reactie is niet zo vreemd. Want in iedere Hollywoodfilm is een geïmplanteerde chip een gevaar, een middel om de bevolking in de gaten en onder de duim te houden. Wat zeg ik, Hollywoodfilms? In mijn eigen boeken heeft zo’n chip zo’n functie! Vind je het gek dat mensen zo reageren?

Nee. Daarom eerst de feiten.

019848bdc9265b28fab96ed9b0c3c9c11f8958397bDe NFC chip die ik in mijn arm heb is 2 bij 12 mm en zit in een glazen capsule. Het geheel is ongeveer zo groot als een verlengde rijstkorrel en afkomstig van de Internet Start-Up Dangerous Things (what’s in a name) en is door middel van crowdfunding gefinancierd. Er zit geen vergif in de chip, wel een identifier waarmee je (achteraf) kan bekijken wat iemand gedaan heeft. (Bijvoorbeeld hoe vaak iemand met zijn hand een deur open heeft gemaakt). Belangrijkste om te weten is dat de chip passief is. De chip kan zelf niets. Zoals Kees Plattel (die tegelijkertijd met mij een chip kreeg) zegt: ‘Je kan er alleen dingen uitlezen, niet direct besturen (het is niet dat je duim of pink naar links of rechts gaat).’

In dit filmpje worden Kees en ik geïnterviewd op de Permanent Beta Dag over onze implantaties.

Eigenlijk is de chip een simpele versie van dezelfde chip die in je OV-kaart zit.

IMG_0049Wat kan je er allemaal mee doen? Nou, met deze chip in principe maar één ding. Op dit moment staat er de url van Superhelden.nl er in. Als je mijn hand scant met een (Android) telefoon dan opent hij de website van het boek. Ik kan er ook mijn visitekaartje inzetten of andere informatie, maar – zover ik weet – maar één van deze dingen tegelijk.

Wat interessanter is, is dat je er een deur mee open kan maken of een computer mee kan ontgrendelen. En vast nog veel meer dingen, maar dat ga ik – en de mensen die met mij de chip lieten implanteren – de komende tijd uitzoeken.

Watch this space.

Maar daarmee is de belangrijkste vraag natuurlijk nog niet beantwoord: waarom heb ik dit gedaan?

016e88fbe338003efbb91e211844633299a91693e1Verschillende redenen. Ten eerste uit nieuwsgierigheid. Hoe is het om een chip in je lichaam te hebben? Wat kan je er allemaal mee?

Ten tweede natuurlijk de link met mijn boeken. Ik stop in al de kinderen een chip, maar ik heb er nu echt een. Dat vind ik ook gewoon een stoer verhaal. En ik ben nou eenmaal van de verhalen.

Maar wat zeker ook meetelt is dat ik de laatste tijd vaker dingen durf te doen die ver buiten mijn comfortzone liggen. En het gekke is: het was niet de chip in mijn lichaam die ik eng vond, maar de naald! Want die was behoorlijk groot en deed behoorlijk veel pijn.

Maar ik heb het gedaan. En nu? Nu ga ik uitzoeken wat je er allemaal (nog meer) mee kan doen.

 

Kussende mensen: echt of nep?

first-kiss-600x450Sinds gisteren gaat er een filmpje van kussende mensen viral. Twintig wildvreemden zoenen elkaar uitgebreid op de mond, voor de camera. Ik vond het ontroerend om te zien en – ik geef het toe – ook behoorlijk opwindend.

Vandaag blijkt dat het om een reclamefilmpje gaat voor kledingmerk Wren Studio. ‘Het is nep!’ roept mijn halve timeline op Twitter en FB. Maar is dat zo? Het kledingmerk kondigde het filmpje zelf aan op Twitter: ‘We asked 20 strangers to kiss for the first time for our Fall14 collection.’  Ja, het waren voornamelijk professionele modellen en acteurs, maar ze zagen elkaar echt voor het eerst.

Melissa Coker

De zelf ook niet geheel onaantrekkelijke eigenaar van Wren Studio Melissa Coker

Eigenaresse van Wren, Melissa Coker zegt in een interview: “I emailed a bunch of people I know, though my personal life, through Wren. I tried to be diverse. Some of them are musicians. But the guy with the tattoos, he actually works at Wren.”

Dat het om alleen mooie mensen ging, dat kon je al zien. Een van hen werd ook ‘acteur’ genoemd in het filmpje. En op de aftiteling stond duidelijk dat SOKO, de zangeres van het begeleidende liedje, ook een van de zoeners was.

De vraag is natuurlijk: wat is echt en wat is nep? Wanneer worden we gemanipuleerd? Het antwoord is:

Altijd.

Iedere foto, ieder filmpje, ieder boek is een verhaal. En de verteller – of dat nou een fotograaf is, een filmmaker of een schrijver – haalt alles uit de kast om zijn of haar verhaal te vertellen. Alle technieken die wij daarvoor gebruiken zijn een vorm van manipulatie. Allemaal. Belichting, zinsconstructies, waar de camera staat en wie we ervoor zetten, alles is storytelling.

EllenDe reden waarom sommige mensen boos zijn, is omdat de context voor hen veranderd is. Eerst was het ‘spontaan’ filmpje, nu is het reclame. Hetzelfde gebeurde met de selfie van Ellen DeGeneres tijdens de Oscaruitreiking, wat later een vooropgezette reclamestunt van Samsung bleek te zijn.

Voor die mensen heb ik de volgende boodschap: alles dat online staat is manipulatie.

Alles is storytelling. Ook dit blog.

Update: De Vlamingen hebben inmiddels ‘echte’ mensen op straat met elkaar laten zoenen, om te zien wat er gebeurt. Het resultaat is niet heel anders (maar wel diverser) dan van het oorspronkelijke filmpje.