NEDERLANDSE VROUWEN KUNNEN GEEN THRILLERS SCHRIJVEN

De Gouden Strop 2013Nederland is een thrillerland. Niet alleen is het genre een van de meest verkochte in ons land, maar ook onze eigen bodem blijkt zeer vruchtbaar te zijn voor schrijvers. De oorspronkelijk in het Nederlands geschreven spannende boeken vliegen namelijk over de toonbank, worden verfilmd en zelfs vertaald in het buitenland.

Alleen jammer dat het alleen de mannen zijn die goeie thrillers kunnen schrijven. Want wat de vrouwen produceren is over het algemeen het papier niet waard waarop het gedrukt wordt.

Saskia Noort, Simone van der Vlugt, Esther Verhoef, Marion Pauw, Loes den Hollander, Judith Visser, Kim Moelands, Daniëlle Hermans, Lieneke Dijkzeul, het is allemaal niks. Hoe ik dat weet? Nou, door de Gouden Strop, natuurlijk. Dit jaar zijn er elf titels genomineerd voor de Longlist, op basis van 106 inzendingen. En van die elf titels is er één geschreven door een vrouw, Corine Hartman met Bloedlijn. De andere tien zijn geschreven door mannen.

Nu zijn er twee dingen mogelijk: of de vrouwen hebben dit jaar inderdaad allemaal ondermaatse boeken geschreven. (En het overwegend vrouwelijke publiek dat ze massaal heeft gekocht, zit er helemaal naast). Of de jury heeft een voorkeur voor mannelijke schrijvers. Wat bijzonder is, aangezien de jury bestaat uit drie vrouwen en twee mannen.

Ik heb geen van de 106 titels gelezen, dus er zelf over oordelen kan ik niet. Maar ik kan het mij haast niet voorstellen dat er in Nederland alleen maar fatsoenlijke thrillers worden geschreven door schrijvers van het mannelijk geslacht.

Kan iemand mij vertellen hoe dit zit?

Reacties

  1. Toch even gelezen. Mijn verhoogde bloeddruk was niet nodig. Tenminste niet door jóuw stukje.

  2. Marion Altena zegt:

    De jury vragen hoe het zit heeft überhaupt al geen zin. Die zou meteen met zo’n fijn cosmetisch antwoord komen als “We hebben absoluut alleen maar gekeken naar de kwaliteit. Nee, we zijn fel tegen seksediscriminatie. Ja, natuurlijk, iedereen een eerlijke kans bij De Gouden Strop.”

    Joris Luijendijk eens op dit mysterie afsturen, misschien?

  3. Of het dé verklaring is, weet ik niet (ook ik heb, net als jij Marcel, de 106 titels niet gelezen). Maar uit onderzoek blijkt dat wij (mannen én vrouwen) een schilderij, boek, artikel, wat dan ook, beter vinden als we denken dat het van een man is, dan als we denken dat precies datzelfde werk door een vrouw gemaakt is. Niet met opzet, maar uit (onbewuste) oude beeldvorming… die dus nog wel sporen nalaat.

    • Daar zou best eens iets in kunnen zitten, Marieke. Bij de Paul Harland Prijs lezen we (de jury) hebben alle verhalen een pseudoniem, en je kunt ook niet zien of het een man of een vrouw is. Dat is bij thrillers waarschijnlijk lastig, omdat je al gauw de schrijfstijl herkent, of omdat het boek personages uit vorige delen bevat.

  4. Als jij je Nachtmerrieman nu eens uitbrengt onder een andere naam, Marcella van Waveren of zoiets, dan weten we het jaar daarna hoe het zit!

  5. Het grappige is dat “Suzanne Vermeer” juist expres een vrouwelijke pseudoniem koos en op die manier succes kreeg. Hoewel ik die boeken niet te pruimen vind, dus ze werd er wat mij betreft geen ambassadeur van kwaliteit mee.

  6. Een deel van de door jou genoemde namen schrijft inderdaad abominabel. Maar niet allemaal! Lineke Dijkzeul bijvoorbeeld is een van de toppers. Marieke heeft gelijk. Ooit heb ik onderzocht hoe canonvorming ontstaat. Heel geniepig werken(vaak ouderwetse) ideeën over man/vrouwverhoudingen onderhuids door in oordelen van jury’s, redacties, recensenten en docenten. Een andere sekse aannemen om daarin te stoken is dus een goed idee. Maar doe jij maar niet Marcel 🙂

    • Maar schrijven ze – in jouw ogen – abominabel omdat ze vrouw zijn? Of zijn er ook mannen die abominabel schrijven? En zijn er dan – in verhouding – meer vrouwen die abominabel schrijven dan mannen?

      En nee, Marcella van Driel past mij niet :).

  7. Alice Dee zegt:

    Hier een interessant stuk van 1 vd juryleden, Irene Start, over vrouwelijke thrillerschrijvers: http://www.elsevier.nl/Algemeen/nieuws/2008/12/Stuk-ELSEVIER214458W/

  8. Hadewijch zegt:

    Hadden Marion Pauw en Esther Verhoef eigenlijk wel een thriller geschreven in het afgelopen jaar? Volgens mij niet. Dan is het dus wel logisch dat ze niet zijn genomineerd 🙂 Het zijn twee schrijfsters die vaker zijn genomineerd en volgens mij deze prijs ook hebben gewonnen.
    Voor de rest eens met de strekking. Sekseprobleem is er ook bij de zeg maar grotere literatuurprijzen.

  9. Ik vind het allemaal bagger, thrillers door vrouwen geschreven, voor zover ik het heb gelezen. Vrouwenthriller, een excuus voor een doktersromannetje, maar dan met een detective of zo. Uitzondering: Daniëlle Hermans. Die kan wel schrijven.
    Ik heb nooit de behoefte gevoeld om iets van Judith Visser te lezen. Te puberale thema’s, te weinig werelds, het trekt me niet.
    Schrijven mannen betere thrillers? Zeker niet allemaal, zie Paul Goeken. De betere schrijvers weten het verhaal boven de personages uit te tillen en echt iets te vertellen. Hiddema. Toes. De Zwaan. Rippen. Soms Ross.

  10. In z’n algemeenheid worden meer boeken door mannen geschreven genomineerd voor prijzen, dus hierin is ‘de gouden strop’ geen uitzondering. Verbaas me er al jaren over. Anonimiseren ben ik wel voorstander van, al zit je natuurlijk met herkenning van schrijfstijl. Wil je dan dus winnen, moet je gewoon iemand die vaak wint, naboosten…:-)

  11. Reactieblog van uitgeefster Marieke Hoogwout: http://t.co/xC8t9AnQoF

Trackbacks

  1. RAAD DE SEKSE schreef:

    […] Eerder schreef ik al een blog over het gebrek aan vrouwelijke thrillerschrijvers die dit jaar genomineerd zijn voor De Gouden Strop, waarbij toch op zijn minst de suggestie wordt gewekt dat vrouwen slechtere schrijvers zijn dan mannelijke. […]

Laat wat van je horen

*