NIET AUTHENTIEK

 

Ik kreeg de beelden van het promofilmpje dat we maakten in Rotterdam en dacht: we’re fucked.

Het filmpje is bedoeld voor Voordekunst. Daar ga ik vragen of mensen willen participeren in een crowdfundingproject voor mijn nieuwe boek. De beelden waren prachtig, het lijk lag te gek dood te wezen en ik deed het niet ook niet onaardig.

Maar toen kwam het ‘money shot’

In het filmpje zit een ‘call to action’, het daadwerkelijke moment dat ik aan de kijkers vraag of ze een donatie willen doen voor een boek dat ik daarna pas ga schrijven.

En dat stukje hé? Dat heb ik verprutst.

Koen Leerink, de filmmaker, zei dat het hem deed denken aan een verkiezingsspot. Mijn echtgenote vond het vooral heel dwingend. ‘Of je gaat er mee, omdat ze jouw passie krijgen,’ zei ze, ‘of ze haken af omdat het té is.’

‘Het lijkt wel een reclame voor het Zwitserleven gevoel,’ voegde ze er nog aan toe.

Au.

Ik was het helemaal met ze eens, overigens. Ik leek wel een tweedehands autoverkoper! Wie mij kent, prikt daar misschien doorheen, maar de rest?

I am fucked.

Weet je wat het is? Ik vind om geld vragen verschrikkelijk. Mijn echtgenote zei opgegeven moment: ‘Je vraagt gewoon nergens of ze mee willen doen, je draait er alleen maar omheen.’

Dat klopt. Ik vertel hoe geweldig het boek wordt, hoe leuk het project is, wat je krijgt als je meedoet, en dan …

Dan niks.

En wat ik wel vraag, dat acteer ik. Ik zeg een tekst op, speel de schrijver, ik ben niet, ik doe.

En dat gaat dus niet werken, voor het project niet, maar ook niet voor mij. Want die gladde verkoper wil ik niet zijn.

A.s. zaterdag gaan Koen en ik het opnieuw doen. We filmen de ‘call to action’ helemaal opnieuw, net zolang tot hij goed is. Niet goed omdat het beeld mooi is, het geluid er goed opstaat, ik me niet verspreek, maar omdat ik in de camera vertel waarom dit boek nou echt zo belangrijk voor mij is. Eerlijk, authentiek.

En dan vraag ik het gewoon: ‘Wil jij donateur worden van mijn crowdfundingproject? Wil jij er voor zorgen dat ik dat geweldige boek kan schrijven?’

Ik zweet nu al peentjes.