DCC, Stormvogels, Jazzcats, Ingmar Heytze, MvhK en GvhFB

Je kunt nooit teveel Deadpools hebben

Je kunt nooit teveel Deadpools hebben

Schrijven is een eenzaam beroep, zeggen, maar daar was deze week niks van te merken. Want hoewel ik iedere ochtend een paar uur zat te schrijven, keek ik bijna iedere avond en drie weekenddagen naar een podium, of stond er zelf op. Dit was mijn week:

Dutch Comic Con

Voor de tweede keer werd in Nederland de Dutch Comic Con georganiseerd in de Utrechtse Jaarbeurs. En deze keer was het vele malen beter georganiseerd dan vorig jaar. De ruimte tussen de stands op de beurs was breder, waardoor je normaal kon lopen, de vele cosplayers beter kon bewonderen en de uitgestalde waren beter kon bekijken. Ik kocht een Deadpool-T-shirt en -vest en een Punisher T-shirt. Mijn kinderen gingen voor knuffels (de jongste) en een bad ass ruimteschip (de oudste).

Drukbezocht panel met nog meer laweaai

Drukbezocht panel met nog meer lawaai

Wat er niet goed geregeld was, waren de microfoons. Ik mocht een panel modereren voor de American Book Centre, waarin ik Jeff Vandermeer, Ann Vandermeer, Brian McCLellan, Adrian Stone en Tisa Piscar vragen stelde over de business kant van het schrijven. Helaas was het zo’n lawaai op de Comic Con, dat we staand en schreeuwend de vragen moesten beantwoorden.

Mijn oudste tegen Kylo Ren

Mijn oudste tegen Kylo Ren

 

 

 

Zondag was dat probleem gelukkig opgelost, maar toen liep ik met mijn kinderen over de beursvloer rond, waar ze ademloos alle verklede mannen en vrouwen bewonderden, de stands indoken en de merchandise bekeken. Kom maar op met de volgende con!

 

Voorstelling Stormvogels

Vreemde vogels

Vreemde vogels

Mijn schoonzus had ons hele gezin uitgenodigd om naar een jeugdvoorstelling te gaan, genaamd Stormvogels. Buiten waaide de wind naar code geel, dus de titel en dag waren goed gekozen. Het was een verrassend goed geschreven, gezongen en geacteerde voorstelling over kinderen-als-vogels (duiven, mussen en een enkele paradijsvogel) waarin iets teveel thema’s (religie, vluchtelingen als gelukszoekers) tegelijk langskwam om volledig te overtuigen. Daarna dronken we met z’n allen wat (spa rood, want 21 dagen zonder alcohol of suiker), terwijl de kinderen buiten speelden. Wat een topdag!

Presentatie Jazzcats

Doodlin'

Doodlin’

Terwijl ik iedere seconde die ik ter beschikking had, besteedde aan het schrijven aan de verboeking van de jeugdfilm Meesterspion (oktober in de winkel en de bioscoop), probeerde ik ook nog de uitgebreide tekst van het jazznummer Doodlin’ uit mijn hoofd te leren, niet met onverdeeld succes. Donderdag was de uitvoering en de generale repetitie was zo abominabel dat zelfs het gezegde ‘Een slechte repetitie is een goede première’ niet op leek te gaan. Ik kende mijn tekst niet, hoorde mijzelf te luid of te zacht en durfde bijna het podium niet op. En ik kom mijzelf niet eens moed indrinken!

Met z'n allen

Met z’n allen

Gelukkig en wonder boven wonder ging het uiteindelijk best wel oké en zong ik bijna geheel uit mijn hoofd en niet al te vals voor een volgepakte zaal mijn lied. De twee gezamenlijke nummers gingen goed, mijn medejazzcats zongen de sterren van de hemel en onze juf Caroline Lobanov speelde geweldig piano. Daarna mochten wij genieten van de groep die na ons kwam en klassieke jazznummers zong met een heuse bigband. Het werd laat maar gezellig (en dat zonder alcohol). Topavond!

Dertig jaar Ingmar Heytze

De meester leest voor.

De meester leest voor.

Een kleine vijfentwintig jaar geleden vroeg ik Ingmar Heytze of hij een wervende tekst voor een folder wilde schrijven, omdat ik dacht dat ik dat niet kon. Ik was tenslotte geen schrijver en hij was dichter en woordkunstenaar. Vrijdag vierde Ingmar zijn dertigjarige (!) bestaan als dichter met de bundel ‘Voor de liefste onbekende’ en een prachtige voorstelling in De Kleine Komedie. Ondersteund door Ellen Deckwitz en met bijdragen van o.a. Hans Dorrestijn, A. L. Snijders, Tommy Wieringa, Vrouwkje Tuinman en Kees Wennekedonk, was het een Utrechts feestje op het podium en in de zaal. Volgend jaar keer in onze eigen stad, Ingmar?

Meisje in boot gevonden

Meisje in boot gevonden

Het was die dag trouwens 1 april en het Marinemuseum meldde dat een 14-jarig meisje zichzelf opgesloten had in een torpedobuis van De Tonijn, de onderzeeboot die op het terrein van het museum in Den Helder staat. Hierover zo dadelijk meer.

Oh ja, en KOOP DIE BUNDEL!

 

 

Selma vertelt

Selma vertelt

Middag van het kinderboek

Ik had natuurlijk beter in Amsterdam kunnen blijven, want de volgende ochtend moest ik om elf uur alweer in de OBA zijn voor de lezing van Selma Noord, gevolgd door de Middag van het Kinderboek. Selma sprak over (het gebrek aan) diversiteit in kinderboeken en wat mij het meest raakte, was de boodschap die ze kreeg van kinderen van diverse afkomsten: ‘De boeken gaan nooit over ons,’ zeiden ze, ‘maar altijd over Iris en Tim en Tom en Sanne. En als er andere in voor komen, dan heten ze Fátima of Mo en mogen ze ook één zin zeggen.’ Selma sprak zonder verwijt, maar was duidelijk op zoek naar kansen. Ze noemde ook nog het pleidooi van Marieke Nijkamp, de Nederlandse YA-auteur die momenteel internationaal scoort met haar boek ‘This is where it ends’ én de drijvende kracht achter de ‘We need diverse books’ campagne.

Marieke Nijkamp, Corinne Duyvis en Adrian Stone op de Comic Con.

Marieke Nijkamp, Corinne Duyvis en Adrian Stone op de Comic Con.

Ik sprak Marieke een paar dagen daarvoor nog kort op de Comic Con, maar had geen idee van haar betrokkenheid bij dit onderwerp. Haar boek staat inmiddels op de leeslijst en de opmerkingen van haar en Selma neem ik mee in mijn volgende boek.

(Gelukkig had ik net een kort verhaal geschreven over de 14-jarige Marokkaanse Najiba die zichzelf opsloot in een torpedobuis van De Tonijn voor de verhalenbundel ‘Alle Hens’ die in juni uitkomt bij Uitgeverij Kluitman.)

Want ik ben nog niet lang genoeg

Want ik ben nog niet lang genoeg

Daarna volgde de daadwerkelijke Middag van het Kinderboek, deze keer niet onder auspiciën van de onvolprezen Ted van Lieshout, maar van Marco Kunst en Aby Hartog (of Merco en Aaby, zoals we ze voortaan noemen). Onder de noemer ‘Zijn er nog taboes in kinderboeken?’ kregen we een lezing over illustraties (conclusie: in de jaren 70 mocht er meer dan nu) en literatuur (Jaap Friso maakte duidelijk dat er eigenlijk over elk taboe wel een jeugdboek te vinden is). Ik mocht het podium op om schrijvers op te roepen lid te worden van de Vereniging van Letterkundigen en tijdens een forumgesprek bespraken Janny van der Molen, Floortje Zwigtman, Corien Oranje en uitgever Anke Werker onder leiding van Pjotr van Lenteren welke taboes er nog te schenden waren. Lees vooral deze blogs van Femke en Marlies over de verrassende uitkomst van dit gesprek.

Daarna was het bij babbelen en Spa rood drinken met m’n collega’s. Topmiddag!

Garnalen in zwarte bonensaus

Garnalen in zwarte bonensaus

Ik at in mijn eentje bij een Chinees restaurant op de Zeedijk, een achenebbisj tentje met fantastisch eten en geen mogelijkheid tot pinnen. Nadat ik twee keer op en neer was geweest, op zoek naar een pinautomaat, kwam ik terug met cashgeld en kon ik eindelijk naar:

Het gala van het Fantastische boek

Komisch duo De Twee Marcel's

Komisch duo De Twee Marcel’s

Wat vroeger de Paul Harland Prijs was, heet nu de Harland Awards. 200 korte verhalen werden er dit jaar ingezonden, een hele klus voor de jury om daar de beste uit te pikken, weet ik uit ervaring. Gelukkig bestond deze dit jaar uit Chris Kooi, Renée Vink, Martijn Adelmund en winnaar van vorig jaar Erik Heiser, onder de bezielde leiding van Tomas Ross (die wegens privéomstandigheden helaas verstek moest laten gaan). Samen met Marcel Vaarmeijer (de schrijver van het geweldige ‘Voor wie ik heb liefgehad,’ een collega die ik tot nu toe alleen van online kende) en zijn lieftallige echtgenote, luisterde ik naar de openingspeech van Martijn Lindeboom (op naar de Week van het Fantastische boek!), het hilarische verhaal van Jeff Vandermeer over zoetwaterinktvissen (je had erbij moeten zijn), het gepassioneerde pleidooi van Susan Smit aan niet-genre schrijvers (zoals zij zelf) is om hun boeken fantastischer te maken, de komische presentatie van Thomas Olde Heuvelt en Iris Compiet en de speeches van de prijswinnaars en het onthutsende verhaal van David Samwel Bol.

Jij bent een winnaar!

Jij bent een winnaar!

Chicklit (!) auteur Lisette Jonkman deed voor de eerste keer mee en won verrassend zowel de eerste prijs als de debuutprijs met haar korte verhaal ‘De vier stadia van verval’ en Auke Hulst mocht de allereerste Harland Award Romanprijs in de wacht slepen voor zijn ‘Slaap zacht, Johnny Idaho.

Daarna was het bij babbelen en Spa rood drinken met m’n collega’s. Topavond!

En nu? En nu ga ik twee weken aan één stuk door schrijven. In m’n eentje. Zonder drank.

ARTIEST IN JE HUISKAMER

 

HuiskamerlezingSinger-songwriter Sandy Dane was natuurlijk niet de eerste die een huiskamerconcert gaf. Maar ze was wel één van de eersten die ze structureel aanbood. Nadat ik haar tweet las, riep ik tegen mijn echtgenote: we moeten Sandy een keer bij ons thuis laten optreden! Haar boeken is heel eenvoudig, want sinds kort heeft ze een Huiskamerboekingsbureau. Onder het motto ‘De leukste artiesten in je huiskamer’ kun je niet alleen haar maar ook andere muzikanten (waaronder Ed Struijlaart!) bij je thuis laten komen. Ik vond het een fascinerend idee en dacht, daar wil ik ook iets mee.

Ik was niet de enige. Ook cabaretier Hester Macrander breidde onlangs haar aanbod uit. Niet alleen treedt ze op in zalen door heel Nederland, ze verzorgt tegenwoordig ook huiskamervoorstellingen, samen met Elke Jansen. Hoe bijzonder is dat, een cabaretvoorstelling in je eigen huis!

Mijn eerste huiskamerconcert was een optreden van Caroline Lobanov bij ons in de wijk. Caroline is behalve een fantastische jazz-zangeres ook de zangdocent die mij en acht prachtige dames al jaren jazz leert zingen. Tijdens haar huiskamerconcert kreeg ik regelmatig kippenvel. Niet alleen omdat ze zo prachtig zong, maar ook omdat we met zo´n kleine groep waren. In een theater sta je zelden zo dicht bij een artiest als bij je thuis. En het is nog goedkoper ook!

Binnenkort begin ik weer met lezingen over ‘Waanzinnige Plannen.’ Ik gaf deze al aan bedrijven en netwerkorganisaties, maar sinds kort is daar de huiskamerlezing bijgekomen. Geïnspireerd door Sandy, Hester en Caroline, kun je mij nu ook bij je thuis uitnodigen. Tijdens de lezing laat ik jou en jouw publiek niet alleen mogelijkheden zien (in plaats van onmogelijkheden) maar geef ik praktische tips over hoe jullie je ooitdromen waar kunt maken en je plannen uit kunt voeren. En dat voor slechts een tientje per persoon!

Wil je één van ons ook in je huiskamer hebben? Je kunt ons hier boeken:

Sandy Dane

Hester Macrander

Caroline Lobanov

Marcel van Driel

MONSTERS (IN JE HOOFD) ZIJN ECHT

 

De illustratie is gemaakt door Iris Compiet

Ik heb een liedje gemaakt. Het heet MONSTERS en het is hier te beluisteren. En dit is het verhaal erachter.

Zijn kinderen nou monsters of toch niet?
Als kind kun je niet kiezen.
Je bent het eigenlijk allebei.

Kinderen zijn in staat tot monsterlijk gedrag. Daar kan ik – als iemand die jarenlang gepest werd – helaas maar al te goed over meepraten. Maar als kind deed ik zelf ook dingen die niet door de beugel konden (al besefte ik vaak pas achteraf wat voor enorme impact dat op anderen had.)

Als kind was ik vaak bang. ’s Nachts voor de monsters in de kast, overdag voor de kinderen in mijn klas. Toen mijn opa overleed was ik nachtenlang benauwd dat zijn skelet mij op kwam zoeken. Ik heb in die periode mijn overvloedige fantasie regelmatig vervloekt.

Groter worden was mijn liefste wens.
Groteren zijn niet bang voor het donker.
In het donker zijn ze vrij.

Mijn fantasie is inmiddels mijn bron van inkomsten. Ik schrijf verhalen en help anderen hun dromen te verwezenlijken. Dat betekent overigens niet dat ik geen nachtmerries meer heb, maar ook die zijn volwassen geworden: Verdien ik wel genoeg om mijn gezin te onderhouden? Overkomt mijn kinderen niets? Ben ik wel goed genoeg?

Dertig jaar later nu ik zelf de grootste ben.
Ben ik het allerbangste voor de dingen die ik ken.

Een tijdje geleden deed een cursus songwriting bij Suze van Calsteren en ontstond er een liedje over nachtmerries en monsters. Ik bedacht de tekst, (overigens zonder dat ik van te voren wist waar het over ging) en creëerde samen met Suze de zangmelodieën. Zij maakte er de muziek bij. Omdat ik het eigenlijk best mooi vond, belde ik Bart Noorman die eerder de Binoliedjes had geproduceerd in zijn studio. Hij stelde voor het liedje op te nemen met Bert van den Brink op piano. Ik nog nooit gehoord van Bert. Maar als snel bleek dat hij één van de beste pianisten is van Nederland. Hij speelde  met Toets Tielemans, Cor Bakker, Denise Jannah en zelfs Chet Baker. En hij ging mijn liedje inspelen?

De monsters in mijn hoofd werden wakker.

Ik besloot het nummer extra goed in te studeren en riep de hulp in van Caroline Lobanov. Caroline is niet alleen een fantastische zangeres, maar geeft mij en mijn medecursisten ook wekelijks les in jazz zingen. Samen oefenden we mijn nummer en zochten we naar de juiste interpretatie. Daarna mocht ik de studio in met Bert en Bart.

Bert is een prachtige man met een passie voor muziek en mensen. Hij speelde mijn nummer meesterlijk in, terwijl ik het zo goed mogelijk meezong. Daarna gingen we ermee aan de slag. We corrigeerden nootjes, want ook een pianist van zijn niveau blijkt wel eens een foutje te maken. Vervolgens mocht ik het opnieuw inzingen op de – inmiddels voorgemixte – track.

Zingen is voor mij een droom. Als kind fantaseerde ik al over het spelen in een band, het maken van een plaat en over optredens in grote zalen. Maar ja, als kind vertelde iedereen mij dat ik niet kon zingen. En als je dat maar vaak genoeg hoort, dan ga je dat vanzelf geloven.

En daar zitten dus precies mijn monsters van nu. De dingen die ik eng vind, de dingen waar ik bang voor ben, dat zijn de dingen die ik mijzelf heb wijsgemaakt tijdens mijn jeugd. Dat ik niet kan sporten, niet kan dansen, niet kan zingen. Dat vrouwen nooit van mij zullen houden, dat ik altijd de loser zal blijven uit mijn klas, dat ik ieder moment door de mand kan vallen, uitgelachen kan worden, in de steek gelaten word.

Dat ik nergens bij hoor.

Want monsters in het donker zijn er echt.
Echt wel, ook al zijn ze zo geboren, geboren in mijn hoofd.

Maar weet je? Ik kan dus wél zingen. Misschien niet altijd even zuiver en misschien moet ik nog heel veel leren en oefenen. So What? Alsof ik als schrijver ooit ‘klaar ben’, of als echtgenoot, vader of presentator. Die monsters horen gewoon bij mij. Maar in plaats van ze te bevechten kan ik over ze zingen. Hardop. Op het internet. Op het podium.

De volgende keer dat jouw monsters van zich laten horen, zing je dan met mij mee?

Monsters in het donker zijn niet echt.
Echt niet, ook al zijn ze zo geboren, geboren in mijn hoofd.

‘Monsters’ is hier streaming te beluisteren.

Wil je ook een cursus songwriting volgen bij Suze van Calsteren of haar boeken voor een optreden? Klik dan hier.

Wil je zangles hebben van Caroline, of een keer naar één van haar fantastische concerten? Klik dan hier.

Een trompettist of producent nodig? Bart Noorman is je man!

Bert van den Brink speelt wekelijks een MP3 in. Luister het hier.