IK HEB NIKS TE MELDEN

Nothing-to-Say‘Ik heb niets te melden,’ zegt de schrijver die meerdere malen per dag updates plaatst over kippetje Billy en zijn Waanzinnige Plannenlezingen. Toch is het waar, ik heb namelijk momenteel niks te melden over mijn vak. En toch is dat waar ik de afgelopen maanden bijna fulltime mee bezig ben: schrijven.

’s Morgens als ik de kinderen naar school heb gebracht en de ontbijttafel heb afgeruimd, zet ik de computer aan, plaatst een paar berichtjes op Facebook en Twitter, start Cold Turkey op – die mij verhindert nóg meer berichtjes te plaatsen op Social Media – en ga verder met het herschrijven van Superhelden3.nl.

nothing-to-say-so-blogIk heb een verhaallijn geschrapt die in de weg zat, hoofdstukken ingekort, conflicten toegevoegd, karakters die zaten te niksen een schop onder de kont gegeven en nieuwe hoofdstukken toegevoegd. Ik heb een illegale straatrace in Colorado meegemaakt, een ontsnapping op een militaire basis beschreven, research gedaan over de gevolgen van GPS uitval en mij verdiept in – nee, dat kan ik niet verklappen.

nothing 2En dat is nou net het hele ‘probleem’. Ik (her)schrijf vier à vijf uur per dag, maar kan er niks over melden, in ieder geval niet zonder te verklappen wat er allemaal gaat gebeuren in het laatste deel! Ik kan niks zeggen over het einde dat ik in 2010 al bedacht, maar waarvan ik mij afvroeg of ik dat wel of zou durven schrijven. Ik mag niet vertellen hoe het afloopt met Iris en Alex, of YunYun het overleeft en wat het geheim van Fiber is.

(En om nou iedere dag ‘tien pagina’s gecorrigeerd en herschreven’ te twitteren, lijkt mij ook wat saai).

i_have_nothing_to_say_2_tshirt-p235333878022065935z7tqq_400Gelukkig mag ik wel Facebooken en Twitteren over de boeken die wél in de winkel liggen. Dus verwacht de komende tijd updates over ‘Billy de Kip,’ ‘Waanzinnige Plannen,’ en het eerste deel van ‘Superhelden.nl,’ dat kerntitel is tijdens de aankomende Kinderboekenweek. En waar je niks over hoort, dat is waar ik de meeste tijd aanbesteed, namelijk: schrijven.

SCHRIJVEN IN EEN SPOOKHUIS

 

Het huis werd oorspronkelijk gehuurd door de eigenaar van de locale koffieshop. Na problemen met de fiscus liep de jongeman een huurachterstand op, waardoor de verhuurder zich gedwongen zag hem het huis uit te zetten. Zijn spullen moest hij achterlaten, als onderpand, totdat zijn schuld was voldaan.

Dat is inmiddels ruim een jaar geleden.

Afgelopen zaterdagavond betrok ik de woning om er in alle stilte drie dagen aan Superhelden2.nl te schrijven. Het bleek een spookhuis. Niet omdat het vol hing met spinnenwebben, of gemeubileerd was met antieke overblijfselen uit de 19e eeuw. Integendeel, het huis was modern (zij het volkomen smakeloos) ingericht, met tv, dvd-speler en zelfs een George-Clooney-apparaat. Nee, een spookhuis omdat het duidelijk een woning was die in haast was verlaten. In iedere kamer lagen op meerdere plekken aanstekers, zelfs op de wc en in de badkamer! Een hondenbot op een kleedje, een opgemaakt bed, een niet afgekeken film. Alles in het huis ademde de aanwezigheid van de verdwenen huurder. Er stond nog net geen half leeggegeten bord op tafel, anders had ik me op de Marie Celeste gewaand. Zeker de eerste nacht voelde ik mij niet erg op mijn gemak, ik had het gevoel dat ik ingebroken had, en dat de eigenaar ieder moment thuis kon komen.

Maar ik ben een schrijver. En een schrijver is altijd op zoek naar materiaal, naar details die een verhaal geloofwaardig maken. En zo werden huis en de afwezige bewoner onbedoeld spelers in Superhelden2.nl. De woning verplaatste van Gelderland naar de militaire basis in Colorado, de koffieshophouder veranderde in een jonge militair met gedragsproblemen. Het onbehagen gaf ik door aan mijn hoofdpersoon Iris:

Alex deed de deur open, maar Iris was als eerste binnen. De hal was schoon en leeg, de huiskamer was dat niet.

‘Weet je zeker dat hier niemand woont?’ vroeg ze verbaasd. Snel scande ze de woonkamer. Ze had gevoel op de Marie Celeste te zijn beland. Er stonden nog net geen borden met half opgegeten maaltijden erop, maar de ruimte was onmiskenbaar bewoond geweest, zo te zien recent.

Alex kwam naast haar staan. ‘Het huis werd gehuurd door een officier van de basis. De officier in kwestie had gokschulden en kon de huur niet meer betalen. Na enkele maanden werd hij zonder pardon het huis uitgezet. Sans meubilair.’

De meubels waren duidelijk niet het enige dat hij achter had moeten laten: onder de tv stond een dvd-speler met drie losse discs er bovenop en enkele tientallen titels ernaast. Voornamelijk actiefilms, zo te zien en een enkele romcom. Misschien voor wanneer hij vrouwelijk bezoek had? Want meneer woonde duidelijk alleen.

‘En hij kwam zijn spullen niet ophalen?’ vroeg Iris.

‘Jawel, ’s nachts, met een bestelbusje, tegen de wensen van de verhuurder, te weten Uncle Sam, die hem in niet misteverstane woorden duidelijk had gemaakt dat hij zijn eigendommen pas terugkreeg als hij zijn achterstallige huur had voldaan.’

Iris zag nu dat er dingen misten. Een tafel met drie stoelen waar er, aan de afdrukken in het tapijt te zien, zes hadden moeten staan. Ramen waar soms wel en soms geen gordijnen voorhingen en een vierkant op de muur dat als enige gedeelte ongeschonden was door de sigarettenrook.

‘Hij werd opgepakt.’

‘Op heterdaad betrapt. Helaas voor Uncle Sam is inbreken in je eigen huis en je eigen spullen meenemen geen diefstal. Maar er werd hem duidelijk gemaakt dat hij niet hoefde te proberen om terug te komen.’

‘Het was in ieder geval een roker,’ zei Iris en liep eindelijk de kamer in. Als de plek op de muur nog geen aanwijzing genoeg was, dan waren de aanstekers dat wel. Alleen in de huiskamer vond ze er al drie.

‘En nu is het van ons?’

‘For the time being.’

‘Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?’

‘Mr. Oz pulled some strings.’

‘O, een bubbelbad!’ Iris had een deur geopend die naar de badkamer bleek te leiden. Alex keek over haar schouder mee naar binnen.

‘Precies genoeg voor twee personen,’ fluisterde hij in haar nek. Iris gaf hem een elleboogstootje, waardoor hij naar achteren schoot.

‘In your dreams,’ zei ze.