De PR-ramp die Polare heet

(Ontwerp: Villa Grafica)

(Ontwerp: Villa Grafica)

Blog Geupdate met reactie Centraal Boekhuis.

Met stomme verbazing heb ik de berichtgeving over de val van Polare gevolgd de afgelopen dagen. Verbazing over de uitspraken van de heren achter ProCures waarin ze alle schuld leggen bij uitgevers en Centraal Boekhuis, verbazing over de media die in veel gevallen het persbericht en de uitspraken van Polare klakkeloos publiceerden. En ik ben niet de enige. Achter de schermen van de Social Media verbazen uitgevers en boekhandelaren zich met mij mee.

‘Polare is willens en wetens de doodsteek toegebracht’, aldus Polare-woordvoerder Bart Maussen in de pers afgelopen dagen. Volgens de advocaat van ProCures, Arthur van der Kroef, is er zelfs sprake van een kartel.

Ik moest veel terugdenken aan de sluiting van mijn eigen winkel. Eind vorige eeuw opende ik De Schijfwereld, toen de grootste cd-romwinkel van Nederland. Na een jaar moest ik toegeven dat de markt minder groot was dan ik had ingeschat, dat ik niet tegen de aanbiedingen van mijn grootste concurrent Dynabyte op kon en dat met name de kosten voor huur en personeel te hoog waren om winst te kunnen maken. Mijn schulden waren inmiddels opgelopen tot 100.000 gulden.

PolareIk overlegde met leveranciers en maakte een reddingsplan. Sommige werkten mee, anderen wilden alleen nog maar onder rembours leveren. Dat laatste begreep ik. Ik kon van niemand eisen dat ze me zouden ondersteunen, ik kon het alleen maar vragen.

Volgens Arthur van der Kroef zijn het gebrek aan wil (van het CB en de uitgevers) en de disfunctionerende markt de oorzaak van dat Polare de eindstreep niet gaat halen. Geen woord over het eigen functioneren. Commissaris Cor Molenaar denkt zelfs aan een complot: ‘Als de marktleider gekilled wordt, dan kunnen de uitgevers met de zelfstandige boekhandels onderhandelen. Als je in een stad er één dood maakt, dan hebben de andere boekhandels vrij spel.’ Zijn medecommissaris Carel Bikkers zegt: ‘In alle gremia van het boekenvak zie je dezelfde personen. Het is een gesloten markt.’

Een half jaar later sloot ik alsnog De Schijfwereld. De schuld bedroeg inmiddels ruim anderhalve ton. Ik had mijn ambities niet waar kunnen maken. We gingen in onderhandeling met de schuldeisers. Ik verkocht mijn huis (dat kon toen nog) en maakte 60.000 gulden winst (dat kon toen nog). We boden de schuldeisers een afkoopsom aan van 1/3. Iedereen ging uiteindelijk akkoord. Na anderhalf jaar was ik schuldenvrij en een ervaring rijker. Maar nog veel belangrijker: ik kon iedereen recht in de ogen kijken. Een jaar later werkte ik met nagenoeg iedereen weer samen, toen ik bij ECI in dienst trad als Multimedia manager.

ECIECI is inmiddels failliet. Polare staat op het punt van omvallen. En het enige dat de eigenaren en directeuren doen is met hun vinger wijzen. Het ligt aan de markt. Het ligt aan de uitgevers. Het ligt aan het Centraal Boekhuis. Het ligt zelfs aan de gemeente Utrecht: ‘Zo strandde het plan om van Polare Utrecht het vlaggenschip te maken op tegenwerking van de gemeente Utrecht. Om onze nek bleven de dure panden hangen in gemeenten waar zowel een Selexyz- als een De Slegte-vestiging was. Die laatste zaten niet allemaal op A-locaties,’ aldus Molenaar in Boekblad.

Ondernemen is risico nemen. Als je de markt goed ingeschat hebt, je bedrijfsvoering goed is en je hebt geluk, dan verdien je geld. Zo niet, dan ga je dicht en neem je je verlies. Dat hoort bij het vak. Jij bent de ondernemer, jij bent verantwoordelijk voor je bedrijfsresultaat, niemand anders.

Polare‘We hebben fouten gemaakt, we hebben de markt niet goed ingeschat,’ zegt helemaal niemand van Polare. ‘We hebben geleerd van onze fouten en hopen dat personeel, publiek, uitgevers en Centraal Boekhuis ons een kans willen geven om te laten zien dat het wél kan,’ verklaart geen enkele commissaris. ‘En als we die kans niet krijgen, als we ons niet meer kunnen bewijzen, dan bedanken we iedereen voor het in ons gestelde vertrouwen en gaan we ons best doen een zo groot mogelijk deel van de schulden terug te betalen. We gaan zorgen dat ons personeel goed terecht komt. We nemen onze verantwoordelijkheid voor de situatie die wij veroorzaakt hebben, of op z’n minst niet hebben kunnen voorkomen.’

Zegt helemaal niemand.

CB-directeur Hans Willem Cortenraad verklaart op Boekblad.nl: ’Het gaat in de pers alleen maar over de vorm en niet over de inhoud. De inhoudelijke feiten die Polare meldt zijn onjuist. En wat dan wel de feiten zijn, dat ga ik niet nu uit de doeken doen. Zoals gezegd komen wij volgende week met het hele verhaal. Het verhaal van Maussen is heel suggestief. Ik kan nu alleen zeggen: wat hij vertelt klopt niet.’

De terughoudendheid van het CB valt deels te prijzen. Maar het boekenvak, het personeel en het publiek is gebaat met duidelijkheid, niet met beschuldigingen.

Het Centraal Boekhuis heeft inmiddels officieel gereageerd: ‘‘Polare heeft ons gevraagd een miljoenenschuld af te schrijven. Bovendien bleek uit een financiële analyse van het plan dat wij geen vertrouwen konden hebben in de toekomstige betalingen en aflossingen door Polare. Het financiële risico voor CB, en daarmee voor uitgevers en de sector als geheel, is ook naar de toekomst toe te groot. Daarnaast hebben verschillende uitgevers (zowel groot als klein) ons laten weten de leveringen aan Polare niet te willen hervatten,’ aldus het CB.

De verschillende beschuldigingen van Polare aan ons adres werpen wij ver van ons. Het spreekt voor zich dat CB – als logistiek dienstverlener – en de uitgevers belang hebben bij een zo groot en breed mogelijk afzetkanaal. Polare heeft echter al geruime tijd financiële problemen en een aanzienlijke betalingsachterstand bij CB. Wij vinden het dan ook spijtig dat het Polare niet gelukt is om tot een oplossing te komen die aan de positie van alle betrokken partijen recht doet.‘ Lees de volledige verklaring op Nu.nl.

Lees ook: ‘Polare: Het echte verhaal’

Mijmeringen over ECI

ECIDe Schijfwereld
Mijn cd-romwinkel ‘De Schijfwereld’ had ik gesloten, de anderhalve ton aan schuld grotendeels weggewerkt. Samen met een vriend maakte ik cd-roms over The X-Files, Formule 1 Racen en over de millenniumbug die de wereld plat zou leggen. Ik kon rondkomen als freelancer, maar een vetpot was het niet.

Een goede vriendin vroeg of ik een dag in de week haar assistent wilde worden. Ze werkte bij boekenclub ECI en was o.a. verantwoordelijk voor de afdeling Multimedia. En ze was een groot fan van mijn voormalige winkel! ‘Je concept is geweldig,’ zei ze, ‘maar je bereikt je publiek niet. ECI heeft dat publiek wel.’ Of ik haar een tijdje wilde ondersteunen.

Ik zei ja.

eci gidsMultimedia manager
Na twee maanden kwam de aap uit de mouw. Mijn vriendin ging bij Kluwer werken en wilde mij als haar opvolger. De twee maanden waren bedoeld om mij en ECI aan elkaar te laten wennen.

Ik was boos, voelde mij gemanipuleerd en zei nee. De directeur van ECI had dezelfde reactie: zij ging weg en zij bepaalde niet wie haar opvolger werd! Daar waren procedures voor. Mijn vriendin verblikte of verbloosde niet en had één verzoek: of de algemeen directeur en ik een half uur met elkaar wilden praten, meer niet.

Een half uur later accepteerde ik een baan als Multimedia Manager. Het is één van de belangrijkste beslissingen in mijn leven geweest. Bij ECI heb ik van oude rotten als Joop Boezeman, Sander Knol en Yvonne van Oort geleerd hoe je ideeën rendabel moet maken. Tijdens de managementvergaderingen leerde ik dat je er met enthousiasme alleen niet komt. Ik maakte kennis met Femke Geurts (nu mijn redacteur bij De Fontein) en Maaike LeNoble (nu mijn uitgever bij Meulenhoff).

Ik leerde er hoe politiek in een bedrijf werkt.

superhelden-nlKinderboekenschrijver
Na een jaar had ik de omzet vertienvoudigd en begon het te rommelen binnen ECI. Ik besloot mijn droom te volgen, nam ontslag en werd kinderboekenschrijver. (Hoe dat uitpakte, lees je hier).

De afgelopen weken was ik bezig dozen uit te pakken, omdat onze jongens naar een grotere kamer verhuizen. Ik vond een boekje waarin mijn collega’s afscheid namen van mij en mij succes wensten met mijn aankomende carrière als schrijver. Dat was in 1998. Ik ging een onbekende toekomst tegemoet en liet de veiligheid en het salaris van ECI achter mij.

Het is nu zestien jaar later. En op exact dezelfde dag dat ik al mijmerend de afscheidsboodschappen van mijn ex-collega’s las, ging ECI failliet.

Hoezo veiligheid.

WANNEER MAG JE JEZELF SCHRIJVER NOEMEN?

writer‘Hoe lang kun je een schrijver die niet schrijft eigenlijk nog met goed fatsoen een schrijver noemen?’ vroeg een collega zich vandaag af op Facebook. Het is een interessante vraag, die aansluit bij een andere: wanneer mag je jezelf eigenlijk schrijver noemen?

In 1998 zegde ik mijn baan op als Multimedia Manager bij ECI om een boek te schrijven. Wanneer iemand vroeg wat ik deed, zei ik: ‘Ik ben schrijver,’ dit tot grote woede van mijn ex-vriendin. Zij was journaliste, maakte documentaires voor de Oostenrijkse televisie en had daar de school van de journalistiek doorlopen. Toch noemde zij zich pas na jaren journaliste. Het was een naam die je moest verdienen volgens haar.

Ik was het daar niet mee eens. Mijzelf definiëren als een schrijver, maakte dat ik schreef. Anders zou het niet meer dan een veredelde hobby zijn.

Inmiddels heb ik tientallen boeken op mijn naam staan en twijfelt niemand er meer aan mijn beroep. En wanneer ik nu mensen vertel dat ik kinderboeken schrijf, krijg ik een heel andere reactie:

‘O, als ik tijd heb, ga ik dat ook ooit nog eens doen!’

keep-calm-and-continue-to-bite-my-tongueIk moet dan op mijn tong bijten. Wat ik niet zeg, (maar wel denk) is: ‘Tuurlijk! Want om te schrijven heb je geen talent nodig, of discipline, alleen maar tijd.’

Het is exact dezelfde reactie die ik vaak kreeg, toen ik zelf net begonnen was. ‘Wie denk je wel dat je bent?’

Wanneer ben je een schrijver?

Iemand suggereerde: wanneer je meer dan één titel op je naam hebt staan. Maar in dat geval zijn Margaret Mitchell (Gone With the Wind), J.D. Salinger (The Catcher in the Rye) en deze andere acht wereldberoemde schrijvers, geen schrijvers.

‘Je bent een schrijver wanneer je gelezen wordt,’ zei een andere collega. Maar dat roept de vraag op: Wat ben je dan, als je niet meer gelezen wordt en hoe meet je dat?

Geronimo_Stilton(En dan is Geronimo Stilton een schrijver.)

Vermoedelijk is er geen juist antwoord. Maar dat maakt de vraag niet minder interessant. Want wie wij zijn, is dat niet de ultieme levensvraag?

Wat denk jij?

Femke Dekker schreef hier eerder het volgende over.

FULL CIRCLE

 

In 2001 zegde ik mijn baan op als Multimedia Manager bij ECI, verkocht ik mijn eengezinswoning en verhuisde naar een goedkoop appartement in Rotterdam om daar mijn eerste jeugdroman te schrijven. Het boek heette ‘De Werelddromer’ en ging over een jongen wiens dromen werkelijkheid worden.

Zelf droomde ik van een succesvolle carrière als kinderboekenschrijver en daar werkte ik hard voor. Ik las boeken over schrijven, pende iedere dag minimaal 1.000 woorden en schaafde en schaafde tot ik eindelijk tevreden was over mijn manuscript. Het was meer dan 300 pagina’s lang en ik had er een jaar aan gewerkt.

Na een paar bemoedigende woorden van Marcel Möring – die zo genereus was om de eerste bladzijden te lezen – stuurde ik De Werelddromer naar Uitgeverij De Fontein en wachtte af.

Na drie maanden en één telefoontje kreeg ik het manuscript terug. De uitgever had zestig pagina’s gelezen en met een rode pen opmerkingen in de kantlijn gezet.

Ik zag meer rood dan zwart.

Er zaten te veel personages in het verhaal (hij telde er elf in het eerste hoofdstuk), het was onevenwichtig, het zat vol met spel- en taalfouten en was nergens grappig. Kortom: het was bagger en ik had iedere beginnersfout gemaakt die er te maken viel.

Bovenop het manuscript zat een gele post-it note. “Geef niet op,” stond er. “Ik denk dat je kan schrijven, maar misschien moet je met iets simpelers beginnen.”

Ik gaf niet op. Aangezien mijn spaargeld op was, ging ik weer fulltime werken en schreef in mijn vakantie en in de avonduren. Ik begon aan iets simpels: een dun boekje voor kinderen vanaf 7 jaar. Het heette ‘Een Elfje in de Sneeuw’ en het verscheen in 2002 bij Uitgeverij Zwijsen.

Het is nu 2011. Ik ben tien jaar en dertig boeken verder. In januari verkocht ik mijn nieuwe boek ‘Superhelden.nl‘ aan Uitgeverij De Fontein op basis van een idee, het eerste hoofdstuk en een voorwaarde: als het uiteindelijke manuscript niet goed bleek, mochten ze in april alsnog besluiten om het niet uit te geven.

Twee weken geleden leverde ik het manuscript in. Het was ruim 300 pagina´s en ik had er vier maanden aan gewerkt.

Afgelopen vrijdag kwam het verlossende telefoontje: “Ik vind het boek geweldig! Het is heel erg goed geschreven en superspannend,’ zei mijn redacteur. “Ik weet zeker dat kinderen dit geweldig gaan vinden.”

Ik heb de hele dag met een grote grijns rondgelopen.

Tot eind mei heb ik de tijd om alle aantekeningen en opmerkingen in de kantlijn te verwerken (in potlood deze keer ipv rode pen). Daarna kijkt de bureauredacteur nog een keer naar de komma’s en de ‘d’s’ en de ‘t’s’ en dan gaat het boek naar de drukker. Half september ligt het in de winkel en mogen jullie zeggen wat jullie er van vinden.

1 juni begin ik aan mijn nieuwe boek. Het gaat over een jongen wiens dromen werkelijkheid worden en het heet ‘De Werelddromer’. Waarom ik daar na tien jaar pas weer aan begin? Dat bewaar ik voor een volgende blog.

P.S. Vandaag kreeg ik het manuscript terug met een hele andere ‘post-it-note’.