NANOWRIMO: SCHRIJF JIJ JOUW BOEK DIT JAAR?

preparing_for_nanowrimo_2013Het is weer 1 november, de dag waarop er wereldwijd honderdduizenden mensen aan hun roman-in-een-maand beginnen.

30 dagen om een boek te schrijven van minimaal 50.000 woorden, kan dat wel? Ja, hoor, zolang je maar niet denkt dat de eerste versie meteen je bestseller wordt. Maar een heleboel gepubliceerde romans zijn ooit gestart als Nanowrimoboek. En daar komt in 2014 Nachtmerrieman bij te staan, een boek dat in 2009 tijdens de Nano startte als ‘Een Magiër in Rotterdam/Finn’.

Misschien doe je dit jaar ook (weer) mee? Of je twijfelt of je het wel kan? Of wil je gewoon weten wat het nou precies is? Speciaal daarvoor heb ik alle Nanowrimoblogs die ik de afgelopen jaren schreef voor je op een rijtje gezet:

De NanoWhatTheFuck

Alles wat je over de Nanowrimo wilt weten, maar niet durft te vragen.

30 redenen om niet mee te doen aan de Nanowrimo

Waarom je vooral niet mee moet doen.

30 tips om de NaNoWriMo te overleven én te winnen!

En wat te doen, als je tóch meedoet.

 

Succes!

MET DIBI IN DE BOEKENBUS

 

‘Wie kent een bekende kinderboekenschrijver die wil meewerken aan een actie 5 sept. in samenwerking met @lezenschrijven & @Voorleesexpress?’ twitterde Tofik Dibi.

Ik zag de tweet een paar keer langskomen, maar twijfelde. Ik heb leesbevordering hoog in het vaandel staan, maar het is ook verkiezingstijd. En hoewel ik niet twijfel aan zijn goede bedoelingen, was ik een beetje bang om te figureren in de grote Tofik-Dibi-show.

Maar al snel bleek de actie partijbreed gedragen te worden, zoals dat zo mooi heet. En daarom trek ik a.s. woensdag met collega’s Rian Visser en Iris Boter in een bus vol politici van de VVD, PVDA én Groen Links naar Limburg. Daar gaan we kinderboeken uitdelen en uiteraard voorlezen op scholen, kinderdagverblijven en in bibliotheken om zo aandacht te generen voor de Week van de Alfabetisering. We ontmoeten burgemeesters en wethouders, laten ballonen op met de kinderen, delen ijsjes uit en stellen aan iedereen de vraag: ‘Waarom vind jij lezen en schrijven zo belangrijk?’

Het definitieve programma komt begin volgende week op de site te staan: http://www.weekvandealfabetisering.nl/

DE REDACTEUR IS DE VIJAND

Wanneer ik bezig ben met het verwerken van commentaar van mijn redacteur, krijg ik steevast dezelfde reacties: ‘Word je daar als schrijver niet kniftig van, suggesties van de uitgeverij?’ of: ‘Denk je nooit: mijn idee is beter?’ of zelfs: ‘Waarom hecht je zoveel waarde aan wat een redacteur vindt? Als die het zo goed weet moet ie zelf gaan schrijventoch?

Lezers en (aankomende) schrijvers zien een redacteur vaak als ‘De Vijand’ of zoals collega Iris Boter prachtig verwoordde: ‘Vaak zien mensen suggesties van een uitgeverij als “bemoeien” of “dan is het niet meer jouw boek”. Alsof de uitgeverij de vijand is die je boek wil onteigenen 🙂.’

Het tegendeel is waar! Een goede redacteur heeft maar één doel: jouw boek nog beter maken. En dat is hoognodig, want na maanden (of soms zelfs jaren) schrijven is het lastig om te zien of je spanningsboog klopt, of de personages overal consequent zijn en of je bedoelingen wel worden overgebracht op papier.

Eerder schreef ik al een blog over ‘De onzichtbare hand van de redacteur’. Vandaag licht ik een tipje van de sluier op en laat jullie meelezen met haar commentaar:

–          ‘Rare samenvatting, je omschrijft haar houding maar half’

–          ‘Kan wel, maar zo praat een moeder niet.’

–          ‘Je komt niet terug op de belofte die ze haar moeder heeft gedaan.’

–          ‘Ik vind het einde van het hoofdstuk sterker zonder de herhaling.’

–          ‘Zie je echt sterren? Vind ik een beetje een cliché.’

–          ‘Dat zou een tiener nooit zo zeggen.’

–          ‘Ik begrijp niet waarom ze zo boos wordt op haar moeder. Mis ik iets?’

–          ‘Niet zo mooi geformuleerd. Suggestie: ‘****’

–          ‘Niet te nadrukkelijk, de lezer snapt het al.’

–          ‘Vrij veel overpeinzingen halen hier de spanning eruit. Lezer wil weten wat er met Iris is gebeurd.’

–          ‘De overgang is hier wel heel groot, al begrijp ik dat ze bedwelmd raakt.’

Allemaal zinnige én simpele suggesties die snel te verwerken zijn en de tekst beter maken. Daarnaast stond mijn manuscript vol met opmerkingen als: ‘Mooi! Geestig. Mooie zin! Spannend! Goeie cliffhanger!’ en mijn favoriet: ‘Wat een verrassing! Die zag ik niet aankomen …’

Structureel vroeg mijn redacteur om te kijken naar de relatie tussen hoofdpersoon Iris en haar broer, die niet genoeg uit de verf kwam, en naar de motivatie van de Bad Guy die duidelijker kon.

Natuurlijk zijn er ook discussies. Volgens de richtlijnen van De Fontein mogen bepaalde vloekwoorden niet worden gebruikt en wat goeie synoniemen zijn, daar zijn we nog niet over uit. En een enkele keer zijn we het gewoon oneens. Dan hebben we daar een dialoog over.

Redacteuren zijn namelijk net echte mensen, net als schrijvers.