Confrontatie met mijzelf

Ik werd uitgenodigd voor LinkedIn. In de mail zat een verwijzing naar een blog die volgens de afzender op ons gesprek bij Seats2meet geïnspireerd was. Ik herinnerde mij hem nog goed, een charmante, ietwat verlegen jongeman die beretrots was op zijn net verschenen roman. We spraken over bloggen en schrijven. Ik Googlede zijn website en bewonderde de schitterende omslag van zijn roman Pooldrift.

Ik was benieuwd naar wat hij over mij geblogd had. Wel verbaasde ik mij over zijn opmerking dat hij mij ‘onherkenbaar’ had gemaakt in zijn verhaal. Waar was dat nou weer voor nodig? Ik surfte naar Mindz en begon te lezen:

‘Eh… ik zit hier, hoor,’ zeg ik voorzichtig tegen de man met wie ik net heb kennisgemaakt. Hij lijkt me niet te horen. Helemaal in beslag genomen door het beeldscherm van zijn laptop. We raakten zonet in gesprek. Ik gaf hem een hand en stelde me aan hem voor. Toen hij mijn hand losliet keerde hij zich naar zijn toetsenbord en tikte mijn naam in op google. […]Het geeft me een ongemakkelijk gevoel dat hij zich niet rechtstreeks tot mij richt. Het is alsof je moeder op een verjaardagsborrel tegen haar vrienden over jou begint op te scheppen. En jij zit erbij.

Ik kreeg letterlijk pijn in mijn maag terwijl ik zijn blog las. Is dit hoe ik communiceer met mensen? Met mijn blik gericht op mijn beeldscherm in plaats van op de persoon tegenover mij? Is mijn laptop een verlengstuk geworden van mijzelf? Een vervanging? Nee, toch …?

Ik was gestrest die dag, had het te druk met teveel deadlines. Ik was gefrustreerd, wilde het liefst met mijn Waanzinnige Plan ™ aan de slag en zat in plaats daarvan teksten te vertalen over eeuwenoude Peruaanse begraafplaatsen. Ik had weinig ruimte voor de mensen om mij heen en beperkte de gesprekken tot korte kennismakingen en aanzetten tot afspraken. En nu wilde iemand met mij praten over zijn boek, over schrijven. Gewoon een gesprek tussen twee mensen.

Er waren veel dingen die ik die dag had kunnen doen. Ik had kunnen vragen naar zijn boek, of hij het misschien bij zich had, hoe het was ontstaan. Ik had kunnen vertellen dat ik met mijn hoofd heel ergens anders zat, dat ik zat te stressen en of we het gesprek op een later tijdstip konden voortzetten. Ik had mijn laptop opzij kunnen schuiven en kunnen besluiten dat mijn deadline best tien minuten kon wachten en dat het tijd was voor koffie en een gesprek met een enthousiaste medeauteur.

Maar dat deed ik allemaal niet. In plaats daarvan greep ik naar mijn laptop, wuifde de kritische opmerkingen van mijn mede seats2meeters (ga je hem nou zitten Google-en, terwijl hij tegenover je zit?) weg en voerde een halfslachtig gesprek vanachter mijn beeldscherm.

Om met de woorden van Dan Karaty te spreken: ‘not your best performance.’

Beste David, bij deze keer nodig ik je uit om een avondje met mij de kroeg in te duiken. Zonder laptop, smartphone of iPad. Zonder virtuele vrienden, websites en Google. Om te praten over schrijven en je roman, waar ik erg benieuwd naar ben.

En dank je wel voor je blog. Ik ben deze week weer een beetje wijzer geworden.