TUSSEN DYLAN EN SOLDAAT – TUSSEN GELD EN KUNST

 

Vandaag staat er een interviewtje met mij in het NRC Handelsblad over Nachtmerrieman. De kop van het artikel is ‘Voor de donateurs doe ik de gekste dingen’ en ik sta tussen een artikel over de nieuwe cd’s van Bob Dylan en Anne Soldaat. In het stuk vraagt Pieter van Os waarom ik koos voor  crowdfunding.

Eerder deze week blogde ik ‘Crowdfunding gaat niet over geld’. Het gaat om het boek of het toneelstuk of de dansvoorstelling die je als kunstenaar wilt realiseren. Voor de donateurs gaat het om de mensen die ze willen ondersteunen om iets moois te maken. Het gaat over gunnen, over mogelijkheden creëren, over dromen realiseren.

Wat dat betreft is het jammer dat het interview alleen maar over geld ging. Het is wel logisch, de crowdfunding maakt tenslotte dat het nieuws is. En het boek zelf bestaat nog niet, dus daar valt weinig over te zeggen.

Maar toch. Als ik het interview als buitenstaander probeer te lezen, dan nodigt het niet uit om naar de website te gaan en het boek te bestellen. En dat doet de stukken over de albums van Dylan en Soldaat wél. Ergens voelt het als een gemiste kans, maar ik weet niet helemaal wat ik gemist heb, en wanneer en waar.

Mocht je willen weten waar het boek wél overgaat, ga dan naar de site van Voordekunst en bekijk het filmpje. Hopelijk weet ik je daar wel te overtuigen om het boek aan te schaffen. Dan ga ik ondertussen de cd’s van Dylan en en Soldaat luisteren.

DE ONZICHTBARE SCHRIJVER OP KLETSNET

Dat kinderboeken weinig serieus worden genomen in de media weten we inmiddels wel. Literaire romans met een oplage van 2.000 stuks (waarvan de helft in de ramsj terecht komt), worden serieus beoordeeld in de pers, net als iedere dichtersscheet in bundels die slechts gelezen worden door recensenten en familie. Maar kinderboeken, (waarvan zelfs minder bekende schrijvers zoals ik al drie- tot zesduizend exemplaren per titel verkopen), worden structureel genegeerd.

Ook op internet blijken we onzichtbaar. Zo stond er in het NRC Handelsblad van zaterdag 5 maart een positief artikel over Social Media en in het bijzonder Twitter, met de kop: Doorbraak van kletsnet op internet is een zegen. Het is een grappig, goedgeschreven stuk dat een mooi tegenwicht geeft aan de conservatieve en zure stukken van bijvoorbeeld de Britse schrijfster Zadie Smith. Vreemd genoeg lijkt schrijver Arjen van Veelen zelf niet op Twitter te zitten.

Misschien dat daarom van Veelen op één punt de mist inging. Hij schrijft: “Behoorlijk wat schrijvers zijn actief op FaceBook. Schrijvers met veel volgers op Twitter zijn zeldzamer.” Daarna noemt hij NRCcollega Bas Heijne (3.814 volgers) als uitzondering.

Misschien heeft van Veelen de aanwezigheid van kinderboekenschrijvers op Twitter gemist? Kijk bijvoorbeeld naar twittergodin Rian Visser (3.914 volgers) en de impact die ze op Internet had met haar blog over Clavis. Ikzelf mag ook niet klagen met zo’n 3100 volgers. Dat gevestigde namen als Nanda Roep, Simone van der Vlugt, Edward van den Vendel en Jan Paul Schutten nog niet aan die aantallen zitten, lijkt een kwestie van tijd. Twitter is een jong medium en hun tweets zijn grappig, informatief en persoonlijk.

Later schrijft van Veelen terecht: “De essentie van de tweet zit in het sociale, in het samenspel, de een-tweetjes.” Daar heeft hij helemaal gelijk in.

Het wordt tijd dat hij gaat twitteren.