RECENSENT GERECENSEERD

Als Nederlandse kinderboekenschrijver moet je blij zijn als je überhaupt gerecenseerd wordt. Ieder jaar verschijnen er zo’n 3000 titels- al dan niet vertaald – in het Nederlandse taalgebied. De weinige media die nog aan recenseren doen, belichten over het algemeen alleen maar de juweeltjes, de hypes, een aantal prentenboeken en het oeuvre van de gevestigde orde.

Als aankomend schrijver is de enige feedback die je krijgt van je lezers of van Biblion. De lezers die iets te zeggen over je boek zijn meestal erg enthousiast, anders nemen ze de moeite niet om te reageren. En het niveau van de ‘recensies’ van Biblion is op z’n minst wisselvallig te noemen maar is meestal bedroevend amateuristisch.

Het initiatief van JipJip om boeken van onbekende schrijvers – op hun eigen verzoek – te laten recenseren door professionele recensenten is daarom aan te moedigen.

Maar er is ook een risico. Deze recensie van Jürgen Peeters is daar een goed voorbeeld van. De lat ligt bij Jürgen namelijk erg hoog en gezien de eerdere recensies die ik van hem gelezen heb, moet je van goeden huize komen om bij hem in de smaak te vallen. Dat kan een bittere pil zijn.

Maar aan de andere kant: So What? Jürgen mag dan meedogenloos zijn in zijn oordeel, hij heeft wel de moeite genomen om op een kritische manier naar een boek te kijken. Dat geeft hem geen gelijk, maar als hij een boek afkraakt, doet hij dat in ieder geval op basis van argumenten.

Als schrijver kan je dan twee dingen doen: roepen dat de man geen verstand heeft van zijn vak, of door de zure appel heen bijten en kijken wat hij te zeggen heeft en met welke punten jij je voordeel kan doen. Bijvoorbeeld: Vera van Renterghem geeft in haar reactie aan dat het een keuze is geweest om de hoofdpersoon in Rood flarden van de revolutie mee te laten krijgen. Dat lijkt mij een legitieme keuze om te maken als schrijver. Jürgen is het daar als lezer niet mee eens, en dat mag. Verschillende meningen over een boek zullen altijd blijven bestaan.

Maar als Jürgen schrijft dat het ‘tergend trage verhaalbegin spanning en vaart mist’ dan kan het als schrijver interessant zijn om te kijken waarom hij dat zegt. En of er uit die kritiek iets te halen is om je volgende boek beter te maken. Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar van de dertig boeken die ik geschreven heb, is er niet één perfect. En elk boek probeer ik weer een beetje dichter bij mijn ideaalbeeld te komen.

Heb ik dan helemaal geen kritiek op de criticus? Tuurlijk wel. Ik heb zelf jarenlang muziekrecensies geschreven en ben zelf meer van de opbouwende kritiek dan de neersabelende. Ik vertel liever eerst wat er wél werkt en daarna wat er niet werkt. En voor een kinderboekenrecensent vind ik dat Jürgen wel erg zijn best doet om erudiet te zijn, waarvan ik vind dat het in zijn geheel niet past bij het genre van populaire kinderboeken.

Ik ben het ook zelden met hem eens.

Maar die keren dat ik het wél met hem eens ben, dáár leer ik van als schrijver.

Kinderboek vs film: een ongelijke strijd

In Nederland worden alle films die in de bioscoop verschijnen gerecenseerd, alle blockbusters, alle arthousefilms en alle genres, films die miljoenen euro’s opbrengen en films die niet meer dan enkele tientallen bezoekers trekken, films die in de bioscoop draaien (ca 300) en films die direct op DVD verschijnen. In totaal recenseren de media gemiddeld zo’n kleine 1000 films per jaar.

Over het algemeen worden deze films beoordeeld binnen het kader waarin ze gemaakt zijn; een horrorfilm moet eng zijn, een actiefilm spannend, een drama geloofwaardig en/of emotioneel. Een goede recensent (en dat zijn de meeste), accepteert dat Indiana Jones geen emotionele ontwikkeling doormaakt, dat ieder ander dan James Bond die val niet zou overleven en dat je in het echt je mobiele telefoon pakt als je aangevallen wordt door een man-met-bijl.

In het Nederlands taalgebied verschenen in 2009 bijna 2400 kinderboeken. De meeste daarvan hebben een oplage tussen de 2.000 en de 4.000 stuks. Een groot deel van dat aantal komt terecht in (school)bibliotheken en wordt meer dan één keer gelezen. Een simpele rekensom leert dat we hier praten over vele miljoenen aan gelezen boeken.

Gezien het belang dat gehecht wordt aan lezen bij de jeugd, zou je verwachten dat de media minimaal hetzelfde aantal jeugdboeken zou recenseren als films. Maar helaas schieten we hier schromelijk in tekort. Boeken worden nauwelijks beoordeeld en jeugdboeken al bijna helemaal niet. Volgens Richard Thiel zijn er in 2009 van de 2365 verschenen jeugdboeken slechts  177 gerecenseerd, waarvan een aantal in meerdere publicaties. Dat is veel te weinig!

Daarnaast blijken de criteria die de recensenten hanteren nauwelijks overeen te komen met die van de lezers. Waar een horrorfilm gewoon eng mag zijn, moeten jeugdboeken aan allerlei literaire criteria voldoen en worden de keuzes van de kinderjury vaak afgedaan als ‘lectuur.’

Hebben literaire recensies dan geen functie? Tuurlijk wel! We willen graag lezen over mooie boek als ‘Big’ van Mireille Geus en ‘Negen Open Armen’ van Benny Lindelauf. Maar we willen ook weten hoe grappig de nieuwe boeken van Rian Visser, Corien Oranje en Marlies Slegers zijn, en hoe spannend de laatste romans van Iris Boter, Gillian King en – oké dan –Marcel van Driel.